01 jun '18

Fiets is
het snelst

112
door Tine Maenhout
Mocht hij met een vingerknip iets kunnen veranderen, dan zou het de fietsinfrastructuur zijn. Voor Mikaël Van Eeckhoudt van de Fietsersbond staat het buiten kijf: fietspendelen is de toekomst.

Hij weet waarover hij spreekt. Voor het tweede jaar op rij domineert Van Eeckhoudt aan het begin van de zomer een hele ochtend het nieuws met een bijzonder experiment: de ‘spitstest’. De test wil aantonen wat in volle ochtendspits de snelste manier is om zich vanuit de stadsrand naar de stadskern te verplaatsen. Die bewuste ochtend staan verschillende groepen pendelaars te wachten op het startsein om vanuit de Rand zo snel mogelijk het Beursplein in hartje Brussel te bereiken. Op de markt van Tervuren zal Rutger starten met zijn fiets, Alain met de e-bike, Pieta neemt het openbaar vervoer en Jan gaat met de auto. Het startsein wordt gegeven. De fietsers maken direct tempo, Pieta wandelt richting bus en Jan rijdt recht op een file af.

FIETSVERBINDINGEN VERBETEREN

Van Eeckhoudt voorspelt dat de fietsers het zullen halen. ‘Het is ideaal om vanuit de Vlaamse Rand naar Brussel te fietspendelen’, zegt hij. ‘De gemiddelde afstand tot het centrum van Brussel is 10 à 16 km. Als je die aan een mooi tempo, filevrij kan overbruggen, ben je volgens mij vanop de meeste plekken in de Rand met de fiets het snelst op je werk in Brussel. Nu al. Ondanks het feit dat de fietsinfrastructuur nog niet is wat het moet zijn. Mochten de fietsverbindingen verbeteren, dan zouden er nog meer pendelaars de auto aan de kant laten staan en verkleint de tijdspanne woon-werkverkeer bovendien, omdat fietsers vlotter zouden kunnen doorrijden. Veiligere routes zijn dringend nodig, zeker voor onze kinderen. Dan kunnen ze met hun ouders naar school fietsen voordat de ouders doorrijden naar hun werk.’

Van Eeckhoudt past zijn ideeën toe in de praktijk. Hij heeft geen auto. ‘In 2006 liet ik mijn oude Volkswagen samenpersen. Letterlijk. Die auto was een CO2-fabriekje. In Brussel krijg je een gulle premie als je afstand doet van je auto. Ik kon er toen meteen een goede fiets mee kopen. Ik kon ook één jaar gratis gebruik maken van het openbaar vervoer en Cambio. Sindsdien ben ik een fervent gebruiker van de fiets en het openbaar vervoer en verplaats ik mij ook vaak te voet.’ Hij benadrukt dat je geen coureur hoeft te zijn om te fietspendelen. Speciale fietskledij draagt hij evenmin. ‘Fietsen moet alledaags, laagdrempelig en eenvoudig zijn. Het is gewoon ook leuk om te fietspendelen. Het klinkt cliché, maar na een werkdag snak ik echt naar mijn korte, noodzakelijke dosis fietsen. Even uitwaaien, in contact komen met de omgeving en de verschillende seizoenen voelen.’

EN DE WINNAAR IS…

En hoe is het intussen met de spitstest 2018? ‘De fietser vanuit Asse is al aangekomen op het Beursplein’, meldt Van Eeckhoudt zo’n 35 minuten na de start van het experiment. Talloze minuten later volgt de collega die het openbaar vervoer nam, de auto deed er vanuit Asse 50 minuten over. Van de ploeg uit Tervuren komt Rutger na een tocht van 40 minuten als eerste aan met zijn fiets. Alain volgt een minuut later met de e-bike, tien minuten daarna verschijnt Pieta. Ze nam het openbaar vervoer en las een boek op de bus. Als laatste arriveert Jan. Hij deed er een uur over met de wagen. Punt bewezen. De toekomst voor de pendelaars in de Vlaamse Rand ligt wel degelijk in het fietspendelen. Smeren maar, die kuiten.