01 apr '16

Brandweervrouw in hart en spieren

3450
door Patrick Gijssels
Achter het stuur van de ziekenwagen, met de kettingzaag een gevallen boom aanpakken, op de ladder tijdens een brand, soms verveeld in de kazerne, een kind reanimeren in een berm, iemand zien sterven in je armen.

We staan er niet bij stil wat ze allemaal doen. Toch zijn ze er voor ons, dag en nacht: de mannen en vrouwen van de brandweer. Ruth Van den Bossche is 32 jaar, studeerde hotelmanagement, droomde ooit van een eigen restaurant in Zuid-Europa, verveelde zich in de marketingsector en dacht na over wat ze echt wilde. Interviews geeft ze niet vaak. ‘Ik vroeg aan mijn chef of dit een interview was voor een brandweerkrant. Ik had Rampkrant verstaan.’ (lacht)

Je hebt het werk gevonden dat bij jou past?
‘Inderdaad. Ik heb nagedacht over wat ik belangrijk vind en kwam uit op: voldoening vinden in mijn werk, door in een groep samen te werken om mensen te helpen en met mijn handen actief bezig te zijn terwijl er avontuur in de lucht hangt. In Overijse ben ik nu drie jaar in dienst, in Zaventem ben ik vrijwilliger, een misleidende term. We zijn betaald zoals de anderen en springen in om de kazerne aan te vullen als er tijdens een interventie veel brandweermensen op pad zijn.’

Hoe ziet je dag of nacht eruit?
‘Ongeveer 70% van de tijd zit ik in de ziekenwagen, als bestuurder of als ambulancier. Door de opleiding dringende geneeskundige hulp doen we wat de verplegers vroeger deden, want die zijn er nu niet meer. Onze ziekenwagen rijdt uit voor dringende oproepen: een hoofdwonde van een kind op een speelplaats of een bejaarde die van een trap is gevallen. Vaak helpen we na een verkeersongeval. Als de situatie zeer ernstig is, gaat er een MUG met een spoedarts met ons mee.’

‘Mensen denken dat we vooral branden blussen, toch is dat slechts 10% van mijn werk. De veiligheidsmaatregelen zijn beter dan vroeger, onder meer door niet-brandbare materialen in nieuwbouw, verplichte brandrapporten voor grote gebouwen, meer rookmelders in huizen en meer preventiecursussen. Dat helpt allemaal. Er bestaan nu ook simpele dingen die je leven kunnen redden: wie met gas verwarmt, koopt best een co-meter die begint te piepen als er gas vrijkomt. Kostprijs: 40 euro. Een rookmelder kost 10 euro. Er zijn dus minder branden.’

‘Andere dringende interventies zijn een boom in stukken zagen die een elektriciteitskabel heeft afgerukt of een weg verspert of op een huis dreigt te vallen. Om zo’n kettingzaag boven je hoofd te houden, moet je wel wat conditie hebben. Niet-dringende interventies: ondergelopen kelders leegpompen, met de autoladder een schouw afbreken die over een winkelstraat hangt of een overreden kat van de straat halen. Ik moet ook toezien dat onze bosbrandweerwagen in orde wordt gehouden. Als al het materiaal in orde is en we te weinig talrijk zijn om te oefenen, verveel ik mij wel eens in de kazerne. Gelukkig is dat uitzonderlijk.’