Sinds ze in 1997 afstudeerde aan Sint-Lukas was Lies Willaert aan de slag als beroepsfotografe. Ze was twintig jaar huisfotografe van de VRT, en werkte onder andere ook voor Knack, Brussel Deze Week, Bloovi Magazine, UZ Leuven en UZ Brussel. Vandaag fotografeert ze nog altijd, maar hoofdzakelijk op vraag van privépersonen. Ze geeft ook les, onder meer over het gebruik van fotografie in professionele communicatie en over fotografie met de smartphone.

Ander spoor

Na 28 jaar is ze letterlijk en figuurlijk op een ander spoor beland. Op 1 maart van vorig jaar werd ze treinbegeleidster bij de NMBS, en na een jaar heeft ze zich die keuze nog geen moment beklaagd. Integendeel, het enthousiasme bij de beroepstreinreizigster is groot. Bij haar geen gezeur wanneer een defecte trein voor oponthoud zorgt. ‘Er zijn elke dag opnieuw drieduizend treinritten die allemaal mooi op elkaar zijn afgestemd. Het is bijna niet te geloven dat dat zo goed loopt. Ik zou in ieder geval niet op ‘de planning’ willen zitten.’ (lacht)

Op de trein zelf wel. ‘Ja, ik doe dat echt supergraag. Je bent eigenlijk constant aan het reizen, hé. Zeker ’s morgens is het geweldig, wanneer het een mooie dag is, er nog niet veel volk op de trein zit, en je de zon ziet opkomen. Dat zijn de mooiste momenten. Toen ik naar een andere job zocht, heb ik een lijstje gemaakt van wat ik wel en niet wilde. Ik kan niet stil zitten, dus ik wilde niet op één plaats werken. Ik werk ook niet graag met een baas die constant op mijn vingers zit te kijken. Ik wil wat vrijheid, en als boordchef heb je het laatste woord op je trein. Ik wilde ook nog van alles kunnen zien en in contact staan met mensen. Op de trein heb ik voortdurend het gevoel dat ik iets nuttigs doe en mensen op een concrete manier help. Met deze baan heb ik dus heel mijn lijstje kunnen afvinken.’

Rijbewijs

Treinbegeleider word je niet zomaar. Er komen vijf maanden opleiding bij kijken. ‘Het is studeren, hoor. Je moet je werkterrein kennen en de procedures die je moet volgen. Je moet zaken kunnen overbrengen, handelen in noodsituaties, evacueren,… want veiligheid is het belangrijkst.’ 

Hoe ziet de dag van een treinbegeleider eruit? In haar geval begint die heel vroeg. ‘Ik doe alleen de ochtend en de voormiddag, dus ik begin tussen drie en zes uur ’s nachts. Als treinbegeleider kan je natuurlijk niet te laat komen.’

Elke dienst begint in het depot. Dat is niet de plek waar de treinen geparkeerd staan. De treinen staan ’s nachts in bundels op rangeerstations als Schaarbeek, Vorst, of Luchtbal in Antwerpen. ‘Het depot is een lokaal waar de teamleiders zitten, de treinbegeleiders vertrekken en na hun dienst terug naartoe komen. Daar is ook de parking, want het eerste wat ze vragen als je bij de NMBS wil werken, is of je een rijbewijs hebt. Als je de eerste of de laatste trein moet doen, is er namelijk geen andere manier om op je werk te geraken dan met de auto, tenzij je vlakbij woont.’

Het depot waar Lies vertrekt, is in het Zuidstation. Dat heeft het voordeel dat de treinen die ze begeleidt het hele land doorkruisen. ‘Het schema komt op je telefoon en dan komt het er echt op neer de reizigers te begeleiden. Om te beginnen door te zorgen dat iedereen veilig op de trein zit en alle deuren gesloten zijn. Je vertrekt niet zolang je niet gezien hebt dat alle de deuren dicht zijn. Daarna informeer je de mensen. Ook in geval van problemen, zoals vertragingen en technische storingen. Dan overleg je met collega’s hoe je dat gaat oplossen, om ervoor te zorgen dat iedereen op zijn bestemming geraakt.’

De controle van de tickets is natuurlijk ook deel van de job. Is het niet vervelend om daarover in discussie te gaan met zwartreizigers en vergeetachtige passagiers? ‘Ik voer geen discussies’, zegt Lies kordaat. ‘Ik ben geen vieze, maar doe gewoon normaal. Dit zijn de regels en daar hou je je aan. Anders blijf je eindeloos discussiëren.’

Antropologie van de treinreiziger

Soms zijn er minder aangename contacten met reizigers, maar dat zijn uitzonderingen. ‘Ik heb al eens de politie moeten bellen omdat er iemand met een wapen op zak was opgestapt en ik ben al eens tussengekomen toen iemand zijn vrouw sloeg. Je moet als treinbegeleider wel tegen een stootje kunnen.’ 

De ritten in de late avond kunnen al eens wat avontuurlijker zijn. ‘Ik heb er in het begin ook enkele gedaan, en die zijn soms wel een antropologische studie waard. Ik vind dat boeiend. Verdwaalde reizigers zijn er natuurlijk nog altijd. Daar maken we een speciaal ticketje voor. Zo heb je kindjes die vergeten af te stappen. Of kinderen waarvan je de indruk hebt dat ze precies niet echt op deze trein thuishoren, wat je dan natuurlijk ook doorgeeft.’ 

Maar veel treinreizigers zijn heel leuke mensen. ‘Op de vroegste treinen, die tussen vier en halfvijf vertrekken, zitten vooral mensen die in shiften werken. Donderdagnacht kunnen daar jongeren tussen zitten voor wie de eerste trein eigenlijk de eerste trein na de laatste was, nadat ze zijn uitgegaan. Tussen zeven en halfnegen komen dan de pendelaars in grote groepen. Rond tien uur zie je dan weer veel gepensioneerden op hun gemak de trein nemen.’ 
Het zijn de mensen die de trein nemen zonder stress of dwingende tijdslimiet die het aangenaamst zijn. ‘Zij jagen zich niet op en nemen het zoals het komt. Vandaag had ik even vertraging door een defecte trein voor ons, maar omdat het rond elf uur was, bleven de mensen daar rustig bij en begonnen ze zelfs een praatje te slaan. Als je die vertraging voor hebt tussen zeven en acht ’s morgens dan hoor je soms wat anders. Ooit moest er een reiziger met een hartaanval opgehaald worden door de ambulance, en toch had je mensen die kwamen klagen dat we niet sneller konden voortrijden.’ 

Foto’s en filmpjes

Op de meer rustige momenten neemt ze af en toe de tijd om foto’s te nemen. Niet met haar professionele fototoestel, maar met de smartphone. Daar kan je ook verbluffend mooie foto’s mee nemen, en laat Lies daar nu net in gespecialiseerd zijn. Haar beelden kan je bekijken op lieswillaert1 of backontrack_myrailwayjourney op Instagram, ze spreken voor zich. 
Het zijn soms spectaculaire foto’s van landschappen en stationsarchitectuur, waarvan je je afvraagt of ze wel in België zijn genomen. Op veel van die foto’s speelt het ochtendlicht inderdaad een belangrijke rol. ‘Ik neem mijn foto’s meestal in de ochtend, in de eerste trein die ik begeleid. Dan is er altijd weinig volk. Al heb je natuurlijk ook maar een paar seconden nodig om een foto te nemen. De eerste keer dat je een bepaalde lijn doet, kijk je al eens waar de mooie plekjes zijn. En er zijn mooie lijnen op ons spoorwegennet. De mooiste vind ik die langs de Maas, naar Dinant, en die in de richting van Aarlen. Nog in het zuiden heb je de trein naar Namen en Luik. Dichterbij heb je bijvoorbeeld mooie uitzichten op Hofstade en het kasteel van Beersel.’

Fotograferen uit een rijdende trein gaat dus blijkbaar prima. De beweging draagt natuurlijk bij tot het effect. Ze laat nog een filmpje zien dat in een industriegebied nabij Charleroi is genomen. Het lijkt wel of de trein zich door een Amerikaans landschap beweegt. ‘Elke ochtend probeer ik een filmpje te maken. De mensen vinden dat blijkbaar leuk, want ik krijg er veel reacties op. Van mensen die zeggen dat het treinfilmpje bekijken het eerste is wat ze doen wanneer ze wakker worden. Dat fleurt me helemaal op, al legt het ook wel wat druk op mijn schouders.’ (lacht)

Goed kijken

Op een rustig moment, tussen aankomst en vertrek, werkt Lies haar foto’s af. Of kan ze een stationsgebouw dat de moeite waard is fotograferen. Een monumentale foto van het station van Antwerpen, ook nog eens weerspiegeld in de plassen op het Astridplein, is één van haar toppers. Almaar meer stations worden de laatste tijd gerenoveerd, waardoor ze er goed uitzien. Trainspotters volgen haar werk natuurlijk ook, en Lies neemt ook foto’s van de treinen zelf, maar haar is het toch vooral te doen om de natuur en het reisgevoel. ‘Soms ook op charmant vervallen gebouwen, de kleine huisjes, de achterkanten en de koterijen die de treinreizigers te zien krijgen.’ België is mooier dan ze dacht en dan wij zouden denken. ‘Goed kijken is de sleutel, zowel voor de fotograaf als voor de reiziger. Ik doe niets anders. Ik ga altijd op zoek naar iets dat een ander niet heeft gezien.’

Foto's van Lies Willaert