Halverwege dit jaar is de herinrichting van de Geevaertvijver in Sint-Genesius-Rode een feit. De herinrichting zorgt voor heel wat bijkomende opvangcapaciteit voor water, maar er is meer.

De Molenbeek ontspringt in het Zoniënwoud op een hoogte van 120 meter en baant zich een weg door Sint-Genesius-Rode, Alsemberg, Dworp en Huizingen om in Lot uit te monden in de Zenne. Het natuurlijke karakter van de beek is sterk aangetast door rechttrekkingen, inbuizingen, harde oeververdedigingen en inname van de oeverzones, onder meer door bebouwing. In het stroomgebied van de beek zijn de verharde oppervlakken sterk toegenomen. Neerslag stroomt nu veel sneller dan vroeger af en heeft veel minder kans om in de grond te dringen. Die hogere debieten leidden al meermaals tot overstromingen en schade aan gebouwen en infrastructuur, vooral in de bebouwde kernen. Het landinrichtingsplan voor de Vlaamse Rand van de Vlaamse Landmaatschappij wil daar oplossingen voor bieden en een van die oplossingen is een verbetering van de Geevaertvijver in Sint-Genesius-Rode.

Cruciale vijver

De Geevaertvijver, al onder die naam bekend sinds 1840, ligt langs de Zoniënwoudlaan aan de overkant van het station in Sint-Genesius-Rode, geschrankt tussen de Geevaertweg, de Zoniënwoudlaan en de spoorlijn. Hij was lange tijd eigendom van een projectontwikkelaar, maar de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) had de keten van vijvers in Rode ingetekend in het landinrichtingsplan met het oog op een betere waterbeheersing in het gebied. De onderhandelingen over de aankoop van de Geevaertvijver liepen al sinds april 2014, maar pas toen de VLM op 13 januari 2021 met een onteigeningsprocedure begon, ging de projectontwikkelaar uiteindelijk akkoord met een vrijwillige verkoop. Dat zette alle opties open om de vijver herin te richten. Dat was cruciaal voor de waterbeheersing in Rode en omgeving. De Geevaertvijver zelf is maar één hectare groot, maar hij speelt toch een belangrijke rol voor de waterbeheersing in het gebied. Het is de laagstgelegen vijver in de vallei en hij biedt de meeste mogelijkheden voor waterbergingscapaciteit bij grote waterafvoer via de Molenbeek. Dat er nood was aan maatregelen bleek nog uit overstromingen uit 2010, 2012 en later, waarbij de dorpskernen van Sint-Genesius-Rode, Alsemberg, Dworp, Huizingen en Lot getroffen werden door wateroverlast. 

Renaud Bocquet, projectleider voor de Vlaamse Rand bij de Vlaamse Landmaatschappij: ‘Het probleem met de Geevaertvijver was dat het water eigenlijk in een soort van diepe put terechtkwam om dan via een redelijk beperkte koker onder de Zoniënwoudlaan door te stromen. De Molenbeek liep in de vijver en liep daarna aan de overkant van de Zoniënwoudlaan door. We geven nu de beek opnieuw haar eigen loop naast de Geevaertvijver. Om het hoogteverschil te kunnen overbruggen voor de vissen hebben we in de beek vistrappen aangebracht.’

Water, recreatie en natuur

Na de aankoop van de vijver liet de VLM er alle vis uithalen en de vijver leeglopen. Zo kon het slib in de vijver drogen. ‘Door het slib af te voeren creëren we veel meer capaciteit om hier tijdelijk meer water te bergen. Vooral bij hevige neerslag is dat belangrijk. Zo krijgen we mogelijke wateroverlast beter onder controle en kunnen we de waterhuishouding in de omgeving beter regelen. Daarnaast leggen we ook wandelpaden aan rond de vijver. Ze maken deel uit van de Molenbeekwandeling tussen Lot en het Zoniënwoud, maar zijn ook voor lokale wandelaars zeer gegeerd. Straks kun je via een rustig wandelpad de drukkere Zoniënwoudlaan voor een stuk vermijden, of je kunt ook gewoon langs de vijver flaneren.’

Met de vistrappen die de migratie van vis bevorderen en het slib dat werd weggehaald is er ook een grote ecologische winst geboekt. 

‘De waterkwaliteit in de vijver zal sterk verbeteren. We richten de oevers ook natuurlijker in. Zachthellende oevers zorgen voor een meer diverse fauna en flora. Na de werken zal de Geevaertvijver opnieuw een waardevol natuurgebied zijn, waar ecologie, recreatie en waterberging samengaan. De werken aan de Geevaertvijver zijn geen sinecure. Onstabiele, zeer natte grond en de aanwezigheid van veel bronnen in de vijverbodem maken het erg moeilijk. Het is niet altijd evident om daarmee om te gaan, maar toch voorzien we dat de werken halverwege 2026 zijn afgerond.’

De wandeltoegang vanuit de Zoniënwoudlaan en vanuit Hof ten Berg zijn al aangelegd, maar er komt ook nog een pad dat naast de nieuw aangelegde vijver zal doorlopen. Langs dat pad komen er ook enkele hengelplateaus.

‘Van het Vlaamse Randfonds kregen we een subsidie van 60.000 euro om de toegankelijkheid en de beleving te verbeteren. Zij vinden zachte mobiliteit heel belangrijk en daarmee financieren we deels het vlonderpad langs de Zoniënwoudlaan. De provinciale Visserijcommissie financiert mee de hengelplateaus en na de werken wordt er opnieuw vis gezet op de Geevaertvijver.’

Nieuwe tunnel

Er komt ook een verbinding met het Visserspad aan de overkant van de spoorweg. Bij de verdubbeling van de spoorlijnen in het kader van het Gewestelijk Expressnet (GEN) gaat Infrabel in op het voorstel van de VLM om een onderdoorgang onder de sporen te creëren. De omgevingsvergunning is aangevraagd en daarin zit een tunnel voor wandelaars en eentje voor de beek met passagemogelijkheid voor fauna. Ook wordt het stort langs de spoorlijn afgegraven om nog extra buffercapaciteit voor water te kunnen realiseren.

Een tiental omwonenden van wie de tuin aan de Geevaertvijver grenst, ondertekende een erfdienstbaarheidsovereenkomst met de VLM, waardoor ze ermee instemden dat de laagste strook van hun tuin onder water mag komen te staan als dat nodig is.

‘Als we het waterniveau in de Geevaertvijver moeten verhogen om benedenstrooms wateroverlast te voorkomen, dan hebben we meer ruimte nodig om dat overtollige water hier tijdelijk te kunnen stockeren. De overeenkomst biedt ons die mogelijkheid. Zo kunnen we een klein gedeelte van die tuinen tijdelijk gebruiken om de bewoners in de dorpskernen te vrijwaren van overstromingen. We hadden eerst gepolst om die stukken van de tuinen te kunnen aankopen, maar de omwonenden gaven de voorkeur aan zo’n overeenkomst. Aquafin begint nu met een studie om na te gaan hoe we met een actief waterpeilbeheer het waterpeil op de verschillende vijvers automatisch kunnen aanpassen.’

Eind 2024 nam de VLM ook de Kwadebeekvallei onder handen. Daar werd 6.500 m³ voormalig stort weggehaald en de Kwadebeek, die daaronder over een lengte van 200 meter ingebuisd lag, kreeg opnieuw een open bedding waardoor ook daar meer water kan worden gebufferd.

Siepvijver en Lansrodevijver

‘Maar daar stopt het niet. We konden uiteindelijk de vijver van de VUB-ULB – de Siepvijver – onteigenen. De omgevingsvergunning voor beide vijvers is rond en vanaf volgend jaar werken we dus ook aan de Siepvijver en aan de hoger gelegen Lansrodevijver. In de Siepvijver nemen we het slib weg en we saneren de vijver helemaal. We zullen er ook de Molenbeek herprofileren en we kappen er enkele naaldbomen om ze gericht te vervangen door inheemse bomen. Mooi is ook dat we het Visserspad over de vijver gaan verbinden met de campus Bierenberg. Minister Weyts plant daar een nieuwe gemeenschapsschool. In het kader van de doorwandelbaarheid gaan we een korte verbinding creëren tussen het station van Rode en de campus Bierenberg via het Visserspad. De leerlingen zullen via een vlonderpad over de vijver naar hun nieuwe schoolcampus kunnen wandelen. Voor dat unieke project overweegt het Vlaamse Randfonds om ons financieel een duwtje in de rug te geven. In de Molenbeek naast de vijver creëren we extra waterbergingscapaciteit.’

Ook de Lansrodevijver, een privévijver, krijgt een herinrichting. De bestaande bezinkingsbekkentjes, die de eigenaar zelf had gebouwd om de overstorten op de afwaartse vijvers te verminderen, worden heringericht. Rioolwater en regenwater worden gescheiden. Zo komt er op termijn vandaaruit veel minder vuil water in de Molenbeek terecht. Benedenstrooms werkt de provincie in het provinciaal domein van Huizingen ook aan de bedding van de Molenbeek.’

In een periode van enkele jaren investeert de Vlaamse Landmaatschappij samen met de gemeente Sint-Genesius-Rode, Europa, het Agentschap Binnenlands Bestuur, de provincie Vlaams-Brabant, de Vlaamse Milieumaatschappij en Aquafin ruim drie miljoen euro in de Kwadebeekvallei, Geevaertvijver, Siepvijver en Lansrodevijver. Alle maatregelen samen zorgen op termijn voor een Molenbeekvallei die bij hevige neerslag beter bestand moet zijn tegen overstromingen en wateroverlast. Tegelijk zorgen de werken voor meer en betere natuur, en meer aangename wandelinfrastructuur.