In Relegem ontspringt de Maalbeek op 61 meter boven de zeespiegel. Al vrij snel duikt ze in de Mathijs Leemanstraat voor vierhonderd meter de kokers in om daarna te meanderen langs de Oude Jetseweg. Een archeologisch onderzoek van de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) vond eind 2023 in de open ruimte links van de Maalbeek sporen van een 14e-eeuwse nederzetting met een walgracht van 20-30 meter breed en gebruiksvoorwerpen. Op termijn richt de VLM op de Motte van Relegem een publiek park in met een evocatie van de archeologische vondsten. Ideeën voor knuppelpaden, een boomgaard, een infoplek, zitbanken en een bijenhotel worden later meer in detail uitgewerkt. Er komt ook meer ruimte voor water.
Motte van Wemmel
Na de Oude Jetseweg komt de Maalbeek in het biotoop terecht waar ze zich het best voelt: de natte natuur van de Motte in Wemmel. Hier hebben het Agentschap voor Natuur en Bos en het regionaal landschap Brabantse Kouters werk gemaakt van een mooie natuurparel in de beekvallei. Water krijgt er voldoende ruimte, wandelaars kunnen er door de natste delen over vlonderpaden lopen en er is avontuurlijke speelruimte voor kinderen. Maar even verder kom je op een geasfalteerde straat. Dit is natuurgebied op het gewestplan en in de praktijk. Het is nooit een goed idee om in een doornatte vallei verharding aan te leggen. Manege La Motte heeft hier betonstroken, stallen, aanhorigheden en mestopslag aangelegd op plekken waar dat absoluut uit den boze is. Voor een manege zijn er vast meer geschikte plaatsen te vinden dan deze zompige weilanden. De biodiversiteit krijgt het hier zwaar te verduren.
Wat verderop loopt de Maalbeek in een strak keurslijf naast de Tennisdreef. De tennisvelden van Tennis Balcaen – vandaag Royal Laken Tennisclub – liggen zeer dicht (te dicht?) bij de waterloop. In die mate dat de terreinen die aan de Maalbeek palen op termijn zullen moeten verdwijnen. Het eigenlijke recreatiegebied bevindt zich vandaag verder van de beek; de waterloop moet hier opnieuw meer ruimte krijgen.
Voorbij de Kaasmarkt volgt de Maalbeek de Maalbeeklaan. Ironisch, want in de Maalbeeklaan is er geen Maalbeek te zien. Ze stroomt er door kokers onder de straat om na de rotonde weer aan de oppervlakte te komen. Het is wellicht niet evident om de waterloop hier open te leggen, maar een verlegging naar een open waterloop in het naastgelegen park zou zeker een meerwaarde zijn voor park, bewoners en waterloop. Tussen het centrum van Wemmel en de A12 komt de Maalbeek in natuurgebied terecht en vormt ze de grens tussen Wemmel, Meise en Grimbergen.
Sprietmolen
In Grimbergen begint het watermolenverhaal met vijf molens die maalden op de Maalbeek. De eerste is de Sprietmolen uit 1742, die al werd vermeld in 1355. Sprietbeek is trouwens een andere naam voor de Maalbeek. De molen is in privébezit, staat leeg en ligt geprangd tussen de Boechoutlaan, de A12 en een hoogspanningslijn. Zijn voortbestaan komt in het gedrang door de mobiliteitsplannen langs de A12. De Sprietmolen kunnen we wellicht beschouwen als verloren erfgoed.
Aan de overkant van de A12 wringt de Maalbeek zich naast de landbouwakkers door tot in het Nekkerbos. De akkers zijn hier zeer erosiegevoelig en de effluenten van de landbouw zijn nefast voor de waterkwaliteit van de Maalbeek. Misschien moeten de landbouwers hier meer verantwoordelijkheid nemen en samen met de overheid werk maken van een degelijke erosiebestrijding? Het zou de waterbeheersing, natuur, recreatie en landbouw sterk ten goede komen. In het Nekkerbos ligt ook het buffergebied voor het gecontroleerd overstromingsgebied van de provincie. Bij dreigende watersnood gaan hier de sluizen dicht en wordt het water tijdelijk gestockeerd in het Nekkerbos, maar deze constructie is niet alles zaligmakend.
Verderop komt de Maalbeek langs de ’s Gravenmolen. Niet de taverne, want de eigenlijke watermolen ligt een honderd meter eerder op de beek. De molen zou dateren uit 1745 en werkte tot in 1949. Het gebouw is privé. Van het molenrad blijft nog weinig over en de maalinrichting is volledig verdwenen.
Schaamgroen
De Maalbeek loopt verder langs de ’s Gravenmolenstraat, maar wordt hier weer sterk ingeperkt en bijna ingebetonneerd tussen bewoning, bedrijvigheid en bestrating, langs weerskanten van de beek, verbonden met enkele aftandse brugjes. Dit is puur schaamgroen. Tijd om na te denken over ontharding en de waterloop opnieuw wat meer ruimte te geven?
We steken de Beiaardlaan over, waar de werken bezig zijn om de Maalbeek wat meer ruimte te geven in een klein parkje. Voorbij de Wolvertemsesteenweg lopen we naast de waterloop naar het erfgoedsnoer van Grimbergen langs de Maalbeek. In het kader van het landinrichtingsproject Oostelijke Maalbeekvallei krijgt de waterloop hier de volgende jaren meer ruimte en komen er ook maatregelen voor meer waterbeheersing, meer natuur en betere recreatiemogelijkheden. Zo verdwijnt bijvoorbeeld een oud stort uit de bedding van de waterloop.
Watermolens
De Liermolen herbergt een vestiging van het Museum voor de Oude Technieken (MOT) en een authentiek bakhuis. De gemeente Grimbergen renoveert binnenkort de site. De moleninfrastructuur wordt gerenoveerd, zodat de molen weer kan malen en er zijn plannen voor een nieuwe horecazaak met B&B en een toeristisch infopunt. De molen dateert uit 1341 en bleef tot in de jaren 1970 actief. Omdat een projectontwikkelaar in die tijd het idee opperde om de site te verkavelen, kocht de gemeente de molen aan en restaureerde hem.
Wat verderop langs de Maalbeek vind je de Charleroyhoeve uit 1665. Vandaag verhuurt de gemeente er vergaderzalen voor het verenigingsleven en vind je er de lokale bib. De hoeve wordt gerenoveerd en het Jongerenontmoetingscentrum (JOC) krijgt er een plek. De omgeving van de hoeve krijgt een opknapbeurt en een nieuwe wandelverbinding moet weldra de wandelpaden in de vallei ontsluiten voor het nabijgelegen woonzorgcentrum.
De Tommenmolen wat verderop werd voor het eerst vermeld in 1369. Vandaag herbergt hij een gerestaureerde bakoven, een heropgebouwde vakwerkschuur, een tentoonstellingsruimte, een museumcafé en delen van het MOT. De meest in het oog springende functie is de herberg met een heerlijk terras. De vijvers en het natuurgebied worden de volgende jaren heringericht.
Nieuw park
Zo loopt de Maalbeek naar de laatste watermolen in het rijtje: de Oyenbrugmolen. Maar voor we daar geraken valt links het huidige JOC op, alias de Witte Villa, een gebouw dat ruimtelijk gezien eigenlijk nooit op die plek had mogen staan en waarvoor een nieuwe functie zal moeten worden gezocht als het JOC verhuist. Een bezoekerscentrum zou een waardig alternatief kunnen zijn als uitvalsbasis voor het erfgoed en de natuur in dit gebied. De rommelige site tussen het vliegveld van Grimbergen en de Maalbeek ziet er binnenkort helemaal anders uit. De voormalige sportvelden, het vroegere openluchtzwembad en het verkrotte clublokaal van de vriendenkring van het vliegveld maken er plaats voor een natuurlijk park met meer ruimte voor ecologie en waterbeheersing. De beschermde en merkwaardige ronde vliegtuigloodsen, naar een ontwerp van Alfred Hardy, zullen na de parkinrichting door de VLM visueel beter tot hun recht komen.
Voor de Maalbeek haar loop verderzet naar het Zeekanaal Brussel-Schelde passeert ze nog bij de Oyenbrugmolen, een werkende molen uit de 17e eeuw. De molen is in privébezit, maar wordt regelmatig opengesteld voor het publiek. Met de houten maalconstructie en het waterrad wekt men vandaag energie op en maalt men graan dat in de gerestaureerde bakoven geregeld tot lekkers wordt gebakken dat ter plekke kan worden besteld en aangekocht.
Herinrichting
Vrijwel elk jaar haalt de Maalbeek het nieuws met problemen van wateroverlast, meestal in de lagergelegen gebieden in Grimbergen, maar vanzelfsprekend is ook de beperkte ruimte, de beschoeiing en inbuizing van de waterloop in haar bovenloop in Asse en Wemmel mee verantwoordelijk voor de problemen die ze benedenstrooms veroorzaakt. De komende jaren worden hele stroken langs de Maalbeek heringericht. Dat moet de biodiversiteit verhogen, de waterkwaliteit van de waterloop verbeteren, wateroverlast verminderen en de beleving van de vallei in haar geheel aangenamer maken. Daarna moeten we hopen dat men heeft begrepen dat bouwen en verharden in en rond een vallei compleet uit den boze is, zodat die vallei voor toekomstige generaties wordt gevrijwaard.