Meet Tibo Defrancq. Hij straalt de rust uit van iemand die weet wat hij wil, maar als je even met hem babbelt, merk je meteen dat deze rusteloze geest constant op zoek is naar intellectuele uitdagingen. Defrancq is arts, maar niet van het type dat je in de steriele consultatieruimte van een ziekenhuis vindt. Zijn werkveld is breed, divers en diepgeworteld in zowel pure wetenschap als in maatschappelijke betrokkenheid. 

De roep van de Rand

Zoals veel jongeren uit de Rand trok hij voor zijn studies geneeskunde naar de stad, naar Gent meer bepaald. De anonimiteit, het bruisende leven in de buurt van de faculteit…, het hoort bij het opgroeien. Hij genoot er volop van, maar naarmate zijn diploma in zicht kwam, begon er iets te knagen. ‘Meer in het centrum kon ik niet zitten; mijn kot lag vlakbij het Gravensteen. Ik heb enorm genoten van het studentenleven, maar gaandeweg merkte ik dat de stad ook veel prikkels met zich meebrengt en dat ik de rust begon te missen. Terugkeren naar de Rand was dan ook een bewuste keuze. Ik zocht een plek waar ik makkelijker kon ontspannen. Mijn werk kan soms intens zijn, dus die balans is belangrijk. Ik ben geboren in Asse en opgegroeid in Wambeek, waar ik een heel fijne jeugd heb gehad.’

‘Wanneer mensen zeggen dat de Rand een slaapregio is, herken ik me daar niet in. Veel van mijn sociaal leven speelt zich hier af. In de buurt kan ik sporten, vrienden ontmoeten, kaarten met de kaartclub… tot rust komen, terwijl je toch vlakbij de grootstad bent.’

Ik wil elke dag iets bijleren. In de geneeskunde zijn er veel manieren om dat te doen. Mijn job bij het Antigifcentrum geeft me daarin ontzettend veel voldoening.

Tibo Defrancq

Behoorlijk uitdagend

Die centrale ligging is inderdaad handig, want zijn professionele agenda is ronduit indrukwekkend. Zijn voornaamste uitvalsbasis is het Antigifcentrum. Voor veel mensen misschien niet meer dan een telefoonnummer, maar voor Defrancq is het een baan die hij met hart en ziel doet en hem veel genoegdoening geeft. 

‘Het is een beetje als het oplossen van een medische puzzel, waarbij je snel moet kunnen reageren en gericht telefonisch advies geven. Mensen bellen ons vaak in paniek: van een kind dat een kamerplant heeft opgegeten tot paniek over zelf geplukte paddenstoelen of vaatwastabletten. Het is fijn om die mensen meteen op hun gemak te proberen stellen.’

‘Wat minder is geweten, is dat niet alleen particulieren, maar ook zorgprofessionelen bij ons terecht kunnen. Zo krijgen we oproepen van de spoeddienst, bijvoorbeeld over patiënten die meerdere medicijnen hebben ingenomen. Daarnaast geven we advies over dieren, ook aan dierenartsen, wat een heel andere discipline is. Van een incidentele overdosis paracetamol tot chemische brandwonden: het komt allemaal in ons centrum terecht. 

Het vraagt vooral een snelle inschatting: om welke stof gaat het? Hoeveel? Wat zijn de symptomen? Wat weten we over de patiënt? Op basis daarvan proberen we zo gericht mogelijk advies te geven. Voor je hier begint, moet je dan ook een paar maanden stevig studeren. In het begin was dat best wel overweldigend, de hoeveelheid aan informatie is enorm. Overzicht krijgen en je richting vinden was niet evident. 

Gelukkig heb ik hier fantastische collega’s. De eerste maanden werk je ook samen met een collega. Eerst luisteren en leren, dan zelf aan de slag onder supervisie. Nu ik zelf beginnende collega’s superviseer, merk ik hoe intensief dat is. De tijdsdruk is niet min. We krijgen vijf, zes tot soms tien oproepen binnen per uur. Het Antigifcentrum krijgt gemiddeld 180 oproepen per dag. Dag en nacht eigenlijk, want we werken in een 24/7 permanentie. Behoorlijk uitdagend.’

Is dat niet juist wat hem aantrekt? ‘Ja, wat ik er zo fijn aan vind, is dat je voortdurend blijft bijleren. Het is een enorm brede discipline: van geneesmiddelen tot chemische producten, maar evengoed planten, paddenstoelen, huishoudproducten of dieren. Er komen bovendien voortdurend nieuwe producten en stoffen bij, dus je moet wel mee zijn. Gelukkig kunnen we een beroep doen op verschillende databases, ook uit het buitenland. Geen enkele dag is hetzelfde en die afwisseling maakt het boeiend.’

Betrokken in de zorg

Naast alle acute vragen bij het Antigifcentrum kiest Defrancq bewust voor een mensgerichte benadering in andere takken van de zorg. Zo is hij actief bij Kind & Gezin en ondersteunt hij patiënten van het ziekenfonds Solidaris bij hun dossiers voor het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH). 

‘Het contrast tussen de snelle beslissingen bij een intoxicatie en de langere trajecten bij het VAPH of Kind & Gezin, maakt mijn job compleet. Bij het Antigifcentrum heeft je werk impact op korte termijn, maar ik vind het ook heel fijn consultaties te doen bij Kind & Gezin in Dilbeek. Daar sta je mee in voor het opvolgen van die jonge kinderen. Zijn hun vaccinaties in orde? Verloopt hun motorische en communicatieve ontwikkeling goed? Een super dankbare job, waarbij je direct contact hebt met de mensen.’

‘Voor mijn adviserende functie bij Solidaris analyseer ik medische dossiers van personen met een handicap die een aanvraag doen voor ondersteuning, waarbij ik het medische luik van die aanvraag opstel. Het komt erop neer dat je de beschikbare medische informatie correct interpreteert en gestructureerd vertaalt naar een dossier dat voldoet aan de criteria van het VAPH. Er zijn enorme wachtlijsten en de ziekenfondsen verwerken een hoge instroom aan aanvragen, dus het is belangrijk om efficiënt te werken zonder in te boeten op kwaliteit.’

De dokter en de data

Als je denkt dat Defrancq na drie verschillende jobs voldaan neerploft, heb je het mis. Zijn honger naar vernieuwing vertaalt zich momenteel in een technologisch project: samen met twee vrienden werkt hij aan een AI-tool die artsen moet ondersteunen bij het verwerken van medische dossiers voor VAPH. 

‘We proberen een tool te ontwikkelen die artsen helpt om sneller en meer gestructureerd medische informatie te analyseren en te vertalen naar concrete rapporten. Het idee is niet dat AI de arts vervangt, maar wel dat het repetitieve en tijdrovende werk grotendeels wordt overgenomen, zodat er meer ruimte komt voor de inhoudelijke beoordeling. Die combinatie van geneeskunde en innovatie fascineert mij. Het is een ambitieus project dat perfect past bij mijn visie om niet stil te staan, maar de middelen van morgen te gebruiken om de zorg van vandaag beter te maken.’

De ideale balans

‘Te veel hooi op mijn vork?’ Defrancq lacht. ‘Voor mij werkt dit net goed. Het atypische uurrooster bij het Antigifcentrum geeft mij veel flexibiliteit. Ik werk vaak in de ochtend- of avondshift waardoor ik regelmatig een halve of zelfs een volledige dag vrij heb. De variatie tussen mijn jobs zorgt ervoor dat het uitdagend blijft en ik mij zelden verveel.’

Die balans vindt hij ook terug in zijn omgeving. ‘Ik woon graag in de Rand. Op drukke dagen kan ik hier makkelijk even gaan fietsen of iets gaan drinken in het dorp. Ik voel me hier veel meer thuis dan in Gent. Ik heb hier de rust en de ruimte om mij verder te ontwikkelen, professioneel en persoonlijk.’

Defrancq is een arts van de nieuwe generatie: hybride, digitaal onderlegd, maar met een ouderwetse toewijding voor de mensen. Of hij nu een zeldzame vergiftiging analyseert, een baby onderzoekt of algoritmes opspoort om medische verslagen te analyseren en dossiers op te stellen, de rode draad is en blijft dezelfde: ‘Ik wil elke dag iets bijleren. In de geneeskunde zijn er veel manieren om dat te doen en mijn job bij het Antigifcentrum geeft me daarin ontzettend veel voldoening.’

Bio Tibo Defrancq

Leeftijd 28 jaar
Woonplaats Ternat
Beroep arts bij het Antigifcentrum, Kind & Gezin en adviserend arts voor VAPH-dossiers bij het ziekenfonds Solidaris
Passie geneeskunde en toxicologie, met aandacht voor innovatie en maatschappelijke impact