Schepen Karlijne Van Bree (Vernieuwing), bevoegd voor erfgoed en toerisme, en Steven De Waele, conservator van het Museum voor de Oudere Technieken (MOT) en secretaris van de vzw Heemschut (zie foto), vertellen dat voor de start van de werkzaamheden een werf-weg over de drooggelegde vijver werd aangelegd om zich een toegang te verschaffen tot de kasteelruïne op het kasteeleiland in het Prinsenbos.
Restauratie
‘Vrachtwagens reden via die werf-weg op en af om ongeveer 4.000 ton slib uit de vijver af te voeren en heel veel puin van afgebrokkelde en ingestorte muren op te ruimen. Met uitzondering van de middeleeuwse donjon of woontoren die in de jaren 1990 werd gerestaureerd, bevond de rest van de bebouwing zich in een erbarmelijke staat. De natuurlijke begroeiing had de kasteelsite deels ingepalmd en overwoekerd. Wortels van bomen, die zich op bepaalde plaatsen meters diep tussen de voegen van de natuurstenen hadden geboord, zijn verwijderd. Gewelven en muren zijn nauwgezet gerestaureerd of heropgebouwd. Een ronde hoektoren van het kasteel is in zijn oorspronkelijke staat hersteld.
Bij het droogleggen van de vijver rondom het kasteel kwamen diverse mankementen aan de (onder)muren aan het licht, die een ernstige bedreiging voor de stabiliteit vormden. Ook die problemen zijn nu verholpen. Boven op de muren die blootgesteld zijn aan de natuur en moeilijk bereikbaar zijn, is nu een zinken beschermlaag aangebracht en op de andere muren een softcapping, een groene beschermlaag vergelijkbaar met een groen dak. De uitgevoerde stabiliseringswerken maken vanaf nu een systematisch onderhoud en instandhouding van de kasteelruïne mogelijk. Dit is ongetwijfeld een belangrijke verwezenlijking’, stellen Van Bree en De Waele.
Zicht op de basiliek
‘Vanop het Prinsenkasteel willen we het historische uitzicht op de abdijkerk herstellen. Je moet weten dat er tot de 20e eeuw ten noorden van het Prinsenkasteel een vijver lag, die stelselmatig werd gedempt en omgezet in bos. Doorheen dat bos zullen we een zichtas van ongeveer tien meter op de basiliek creëren. Let wel, het gaat niet om een kaalkap, maar gebeurt in het kader van een ecologisch verantwoord hakhoutbeheer. Dit is voorzien in het geïntegreerd beheersplan 2020-2044 dat door de gemeente Grimbergen en de vzw Heemschut is uitgewerkt in nauw overleg met het Vlaamse Agentschap Natuur en Bos en het Agentschap Onroerend Erfgoed. Het Prinsenkasteel, het Prinsenbos en het Guldendal vormen historisch gezien één geheel’, schetsen Van Bree en De Waele.
‘Daarom leek het ons volkomen logisch om in plaats van twee aparte beheersplannen voor het Prinsenbos en het Prinsenkasteel, één geïntegreerd beheersplan voor beide op te maken. Dit ligt ook aan de basis van de uitgevoerde instandhoudingswerken aan het kasteel.’
Het Prinsenkasteel, waarvan de bouwgeschiedenis teruggaat tot de 15e eeuw, is een beschermd monument. Voor dringende instandhoudingswerken kan daardoor een beroep worden gedaan op subsidies van de Vlaamse overheid. Er is nu meer dan 2,7 miljoen euro geïnvesteerd in de renovatie van het Prinsenkasteel. Daarvan nam de gemeente Grimbergen ruim 1,8 miljoen euro voor haar rekening. De overige 33% van de uitgaven werd gedekt door de Vlaamse subsidies.
Ontsluiting Prinsenkasteel
Nu het kasteel niet langer in de steigers staat, komt de hele kasteelsite opnieuw goed in beeld. Vanaf het wandelpad in het Prinsenbos heb je uitzicht op de grand vestibule, zeg maar de grote feest- en ontvangstzaal van het Prinsenkasteel.
‘Tijdens de werken is de kelder onder die feestzaal volledig blootgelegd. Daarbij zijn geen schatten of speciale vondsten naar boven gekomen’, vertellen Van Bree en De Waele. ‘Boven de metersdiepe kelderruimte wordt in de nabije toekomst een houten vloer aangelegd, die door (gerecycleerde) steigers zal worden gedragen. Dat gebeurt met middelen van de provincie Vlaams-Brabant voor de ontsluiting van onroerend erfgoed. Daarnaast benutten we Europese middelen, die worden toegekend aan het Kastelennetwerk Omringd, een netwerk van landgoedbeheerders uit de provincies Antwerpen, Vlaams-Brabant en het Nederlandse Noord-Brabant. De bouw van dat houten platform maakt een verdere ontsluiting van de kasteelsite mogelijk. Het MOT kan er workshops houden, activiteiten voor een breed publiek organiseren of de ruimte verhuren.’
Het MOT gaat er prat op dat naast de dagelijkse, individuele bezoekers aan de tentoonstelling in de donjon, er honderden scholieren deelnemen aan workshop en ateliers, en dat ook veel mensen aanwezig zijn op tal van andere culturele activiteiten. ‘De gerenoveerde, historische kasteelsite biedt nu perspectieven om een groter publiek aan te trekken, ook al moet het MOT in de toekomst rekening houden met financiële uitdagingen.’
Meer info het MOT