Intussen is het al meer dan vijftien jaar geleden dat Ana Núñez Palacio in Spanje afstudeerde als verpleegkundige. ‘Door de toenmalige zware economische crisis waren er nauwelijks vacatures in de Spaanse gezondheidszorg. Via EURES (European Employment Services), een platform dat arbeidsmobiliteit binnen Europa stimuleert, ontdekte ik dat er in België een grote vraag was naar verpleegkundigen. De sollicitatiegesprekken vonden plaats in Madrid en enkele maanden later kon ik aan de slag in woonzorgcentrum De Maretak in Halle.’
Buikdansleerkracht
Vandaag werkt Núñez Palacio als verpleegkundige in AZ Sint-Maria Halle. Haar specialisatie is wondverzorging. Niettegenstaande die veeleisende job vindt ze nog steeds tijd voor haar grote passie. ‘Elke vrijdagavond geef ik buikdanslessen. Een jeugdvriendin bracht mij ermee in contact. Buikdansen heeft me geholpen om mijn verlegenheid en onzekerheden te overwinnen. Als buikdanseres daag je jezelf uit om zelfvertrouwen uit te stralen. Ook op momenten dat je je niet zo goed voelt, moet je er staan. Op het podium slaag ik erin mijn twijfels over mijn lichaam achter mij te laten. Dan voel ik mijn energie stromen, dat kleine vonkje in mij begint te gloeien. Diezelfde positieve energie ervaar ik wanneer ik zie hoe mijn leerlingen dankzij het buikdansen groeien als danser en als mens.’
Magische Arabische muziek
Núñez Palacio benadrukt dat buikdansen veel oefening vergt. ‘Je kunt niet verwachten dat je na een paar lessen een volleerde buikdanseres bent. Je danst op een heel ander ritme en maakt andere bewegingen dan je gewoon bent. Je wil jezelf de tijd geven om vertrouwd te geraken met de Arabische dansmuziek. Bij mij had die muziek meteen een magisch effect. Ik ervaar er een gevoel van innerlijke kracht en pure levensvreugde door.’
Echtgenoot Pieter heeft dezelfde passie voor Arabische muziek. ‘Hij speelt de darbuka, een traditioneel Arabische percussietrommel. We treden regelmatig samen op. Het vraagt veel van onze tijd, maar we krijgen er veel vreugde voor terug.’
Balans zoeken
Ze zorgen ervoor dat ze hun familie twee keer per jaar kunnen bezoeken. Dat betekent elk jaar twee reizen naar Hongarije en twee naar Spanje. ‘Hoe ouder ik word, hoe meer ik hen mis. Als je jong bent, vind je het spannend om een nieuw land en nieuwe taal te leren. Maar naarmate de jaren verstrijken en je je ouders ouder ziet worden, kijk je daar anders naar. Als ik oudere patiënten verzorg, kan ik het niet laten aan hen te denken.’
Wat ze het meest mist, zijn de Spaanse aperitiefmomenten op zondag. ‘Voor de el vermut spreken familie en vrienden af om samen iets te drinken. Vaak blijft het niet bij een aperitief en eten we ook samen. Het zijn die eenvoudige momenten die je eraan herinneren hoe belangrijk het is om écht te leven. Natuurlijk is werken belangrijk, maar laten we niet vergeten te leven. Mochten we dat wat meer doen, dan zouden er misschien minder mensen opgebrand raken en uitvallen.’
Mooiste plek in Spanje
Oviedo, de stad waar ik studeerde.
Favoriet gerecht
Rollo de bonito asturiano, een tonijngerecht uit mijn geboortestreek Asturië.
Mooiste herinnering aan Spanje
De zomerdagen met mijn familie in het visserstadje Luanco.