01 dec '19

Er zijn veel te weinig 
sociale woningen

329
door Bart Claes
De gemeenten in de Vlaamse Rand moeten tegen 2025 nog 1.502 sociale huurwoningen bijbouwen om hun ‘Sociaal Bindend Objectief’ (BSO) te halen. Dat is het minimum aantal sociale woningen dat de Vlaamse overheid de gemeenten oplegt.

Hoeilaart, Tervuren, Vilvoorde en Wezembeek-Oppem zijn de enige gemeenten in de Vlaamse Rand die volgens het Agentschap Wonen Vlaanderen tegen 2025 genoeg sociale woningen zullen hebben. De overige gemeenten schieten schromelijk tekort. Een aantal zijn aan een noodzakelijke inhaalbeweging begonnen, maar toch lijkt het een schier onmogelijke opdracht om het gevraagde aantal binnen vijf jaar te halen. Het gevolg daarvan zijn ellenlange wachtlijsten. In 2018 keken 20.107 gezinnen uit naar een sociale huurwoning in Vlaams-Brabant. Specifieke cijfers voor de gemeenten in de Rand zijn niet beschikbaar, maar in een dure regio als de Vlaamse Rand is de vraag naar betaalbare woningen groot.

De gemeentebesturen krijgen in hun zoektocht naar mogelijke bouwprojecten hulp van sociale huisvestingsmaatschappijen als Elk Zijn Huis, Providentia en Woonpunt Zennevallei. Die kunnen daarvoor rekenen op de financiële steun van de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen.

Dure grond, kleine projecten

Waarom verloopt de zoektocht zo moeizaam? ‘In de Vlaamse Rand raken we moeilijk aan nieuwe gronden voor sociale woningbouw’, vertelt Roel Moens, directeur van Elk Zijn Huis. ‘Sociale huisvestingsmaatschappijen kunnen niet opboksen tegen projectontwikkelaars. Zeker in de Oostrand, waar hele dure projecten worden gebouwd en de beschikbare grond kostbaar is.’ Bovendien is de periode van de grote woonblokken voorbij. De nieuwe kijk op ruimtelijke ordening draait om verdichting en inbreiding. Dus kleinere, maar relatief duurdere projecten. ‘Ik ben zeker voorstander van inbreiding en kleine woonprojecten’, zegt Moens. ‘Dat zorgt voor een sociale mix en minder overlast. Maar het is wel makkelijker en goedkoper om een woonblok van veertig woningen te bouwen in plaats van zes woningen op maat in te passen in een bestaande woonwijk.’

‘Onze sociale huisvestingsmaatschappij kan 55.000 euro per appartement en 60.000 euro per woning aan de kostprijs van de grond besteden. Als we een perceel kopen van een half miljoen euro moeten we daar dus zes tot acht wooneenheden op krijgen, maar de ruimtelijke richtlijnen maken dat niet altijd mogelijk. We mogen vaak niet hoger bouwen dan twee lagen bijvoorbeeld. Een problematiek die typerend is voor Vlaams-Brabant.’

Hardleerse gemeenten

Gemeentebesturen maken van het bouwen van sociale woningen bovendien niet altijd prioriteit in hun beleid of vrezen ermee de armoede van de grootstad binnen te halen of meer specifiek: faciliteitengemeente staan soms niet te trappelen om samen te werken met de Vlaamse overheidsdienst VMSW. Maar ook hardleerse gemeenten moeten sociale woningen bouwen. De Vlaamse regering selecteerde zestien gemeenten in Vlaanderen die in haar ogen te weinig moeite doen om het Bindend Sociaal Objectief te halen. In de Vlaamse Rand gaat het om twee faciliteitengemeenten: Sint-Genesius-Rode en Kraainem.

‘De gemeenten kennen hun BSO voor 2025 al sinds 2009. De Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen kijkt elke twee jaar na of elke Vlaamse gemeente haar groeipad volgt’, legt directeur communicatie Lieselot Laureyns van de VMSW uit. ‘Na de voortgangstoets in 2016 werden zestien gemeenten die te weinig inspanningen leverden om het BSO te halen verplicht een samenwerkingsovereenkomst af te sluiten met een sociale woonorganisatie. Kraainem heeft dat gedaan met Elk Zijn Huis, Sint-Genesius-Rode met Woonpunt Zennevallei.’ En dat levert op, meent Johan Forton (KraainemUnie), schepen in Kraainem. ‘De samenwerking verloopt prima’, vertelt hij. ‘Samen met Elk Zijn Huis hebben we het project ‘Kruisveld’ op stapel staan aan de Denayerstraat, goed voor een dertigtal extra sociale woningen. Er komen nog woningen bij, verspreid over de gemeente. maar het is nog te vroeg om daarover iets te zeggen.’ Directeur Roel Moens van Elk zijn Huis bevestigt ons het project aan de Denayerstraat.

Minder argwaan

Maar waarom schiet de gemeente nu pas in actie. ‘Goh, om diverse redenen’, zegt de schepen. ‘De angst om de armoede van Brussel binnen te halen, is het zeker niet.’ Ook niet in SintGenesius-Rode, meent de Vlaamse schepen Anne Sobrie (Engagement 1640). ‘Er was wel een communautaire angst’, meent ze. ‘Het Franstalige gemeentebestuur wilde niet samenwerken met de Vlaamse overheid, dus ook niet met de Sociale Maatschappij voor Sociale Woningen. Met de vorige en huidige coalitie is die argwaan verminderd. Burgemeester Pierre Rolin is opener dan zijn voorgangers en wil werk maken van een sociaal woonbeleid.’ Dat vertaalt zich in heel wat projecten in Sint-Genesius-Rode. Zo komen er onder meer een dertigtal sociale appartementen op de site van de voormalige papierfabriek Nova Rode, ruimt het oude rusthuis vanaf 2022 plaats voor een woonproject, komen er projecten aan de Kerkstraat, Dorpsstraat en de Boomgaardweg.

Inhaalbeweging

Ook andere gemeenten maken een inhaalbeweging. Volgens de cijfers van het Agentschap Wonen Vlaanderen (zie tabel) spannen Grimbergen, Dilbeek, Sint-Pieters-Leeuw en Overijse de kroon. Zo heeft Overijse in 2025 een tekort van 145 sociale huurwoningen. ‘Die cijfers houden blijkbaar geen rekening met de projecten die op stapel staan’, reageert schepen Sven Willekens (Open VLD). ‘In Maleizen gaat het om 40 extra woningen, in het project Groot Huys in hartje Overijse zijn dat 30 woningen. En Project Beiershof levert ook 116 woningen op. Zo komen we zeker in de buurt van het Bindend Sociaal Objectief.’ De drie projecten komen er in samenwerking met de sociale huisvestingsmaatschappij Elk zijn Huis.

Daarnaast organiseert Overijse een driemaandelijks woonoverleg met partners als Providentia, Elk Zijn Huis, Haviland en Vlabinvest om de noden op de woonmarkt beter op te volgen. Er is een woonloket en drie woonconsulenten staan klaar om de inwoners te helpen met al hun woonvragen. ‘Goed wonen is uiteraard belangrijk’, zegt Willekens. ‘Daarom doe ik niet mee aan de ratrace om grote woonblokken te bouwen om toch maar dat BSO te halen. Als je duurzaam bouwt, met kleine volumes in een sociale mix, dan werk je aan de leefbaarheid. Zo vermijd je later sociale problemen.’

Initiatiefrecht

Goede voornemens allemaal, maar de Vlaamse regering wil toch een stok achter de deur en schreef in het nieuwe Vlaamse regeerakkoord een opvallende passage. In de zestien hardleerse gemeenten die volgens Vlaanderen te weinig moeite doen, krijgt de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen voortaan het initiatiefrecht om zo nodig zelf bouwdossiers op te starten. De rol van de VMSW was tot nu toe beperkt tot bemiddelen tussen de huisvestingsmaatschappijen en de hardleerse lokale besturen. Hoe dat initiatiefrecht concreet wordt ingevuld, is nog niet duidelijk. ‘Een initiatiefrecht is een vrij vaag begrip’, zegt directeur communicatie Lieselot Laureyns van VMSW. ‘Betekent dit dat we zelf projecten kunnen opzetten? Misschien, maar ik ga ervan uit dat we de gemeentebesturen altijd zullen betrekken. Zij zijn de regisseur van het lokale woonbeleid en moeten uiteindelijk ook de bouwvergunning afleveren. We wachten dus op de beleidsnota en de concrete invulling van dat initiatiefrecht.’