17 jul '20

Culturele sector krabbelt recht

1800
door Lene Van Langenhove
Hoe moet het verder met de culturele sector na corona? Die vraag houdt elk cultuurhuis bezig. Artistiek directeurs Paul Dujardin (Bozar) en Sergio Servellón (FeliXart) maken de balans op.

Beide hopen dat de golf van solidariteit en verplichte pauze zal leiden tot een metamorfose. Meer dan ooit willen zij hun maatschappelijke rol opnemen.

Het weekend voor de lockdown ontving Bozar nog 10.000 mensen. Na 13 maart ging de deur op slot. Eén voor één werden events gecanceld, zoals de Koningin Elisabethwestrijd, het Klarafestival en het BRIFF. Aanvankelijk hoopten ze de activiteiten van mei en juni nog te verplaatsen, vervolgens die voor de zomer, maar ook dat schoof steeds op. Intussen hebben ze met alle partners gepraat over hoe ze de toekomst kunnen vormgeven. Bozar werkt samen met maar liefst 1.000 organisaties rond thema’s als ecologie, migratie, gender en diversiteit. De meer dan 400 werknemers van Bozar bleven op de payroll staan en hoefden niet op economische werkloosheid terug te vallen. Want het werk achter de schermen stopt niet.

Digitale transformatie 

‘We hebben ons de voorbije maanden digitaal getransformeerd onder de noemer Bozar at Home’, zegt Paul Dujardin. ‘We moeten ook uitzoeken wat een goede manier is om met de digitale wereld om te gaan en hoe we een nieuw, duurzaam businessmodel kunnen uitwerken. Natuurlijk gaat de live performance nooit verdwijnen. Het is zoals met de opkomst van de cd, toen stonden de concertzalen voor een enorme uitdaging. Of zoals met de transformatie van de media tien jaar geleden. Vandaag bestaan papieren media nog steeds naast digitale media. Ook de cultuursector zal zich moeten heruitvinden en digitaal gaan werken.’

Via de digitale weg bereikte Bozar een groter publiek. ‘Voor Singing Brussels kwamen vorig jaar 4.000 mensen naar Bozar. Dit jaar hebben we 50.000 mensen bereikt, waarvan 15.000 een digitale workshop volgden. Dat mensen wereldwijd deelnemen is nieuw, en het gaat verder dan een stream bekijken. Muzikanten die van thuis uit performden, konden veel meer instrumenten bespelen dan ze normaal meenemen. Dat zorgt voor een heel andere ervaring. Voor de interviewreeks Repairing the future gaat Bozar in dialoog met schrijvers en denkers. Zo reizen we de wereld rond. Die complementariteit van het digitale is een echte eye opener.’

Intussen openden de tentoonstellingen weer de deuren. Tijdens de lockdown bood Bozar live concerten aan zonder publiek, sinds 1 juli met beperkt publiek. Maar 200 bezoekers blijft weinig. Dujardin: ‘We hebben veel onderhandeld om de situatie te verbeteren, samen met virologe Erika Vlieghe en partners uit het culturele veld hebben we uitgezocht hoe we de veiligheid kunnen garanderen. Ik ben altijd fan geweest van de Japanse cultuur waar je moet reserveren en waar iedereen zich beschermt uit respect voor de ander. Van die aanpak kunnen we veel leren.’

Hier is plaats voor iedereen

Sinds juni kunnen ook ensembles optreden, met de nodige afstand tussen de muzikanten. En er wordt druk gewerkt aan een protocol dat het mogelijk moet maken om tegen september publiek te ontvangen in de zaal. Als grootste instelling heeft Bozar het voortouw genomen om een methode te ontwikkelen die andere instellingen kunnen toepassen. Bozar wil ook onderdak bieden aan artiesten zonder huis of aan instellingen met een minder grote zaal. Met 2.200 zitjes kunnen er toch 1.000 mensen op een veilige afstand plaatsnemen. 

Dujardin hoopt dat de crisis lang genoeg duurt opdat mensen bereid zullen zijn om zich aan te passen en het instituut te herdenken. ‘We moeten deze crisis aangrijpen om iets wezenlijk te veranderen. Cultuur en kunstenaars kunnen een ander perspectief geven, een beeld schetsen van de toekomst.’

Leende de lockdown zich ook tot kritische zelfreflectie over het vele reizen dat werken in een internationale context met zich meebrengt? Dujardin: ‘We moeten inderdaad mobiliteit op een duurzame manier bekijken en het lokale talent koesteren. Tegelijk willen we die internationale dimensie behouden, want het geeft een belangrijke dialoog met de wereld. We kunnen de mensen dichter bij ons brengen, maar  vooral ook uitwisselingen stimuleren aan de hand van bijvoorbeeld residenties. Het is belangrijk dat we over de grenzen heen blijven kijken om samen te leven vanuit verschillende perspectieven. Anders vervallen we in angst voor de ander, voor de toekomst. Deze crisis heeft getoond dat cultuur een belangrijke rol speelt in het socio-economisch weefsel van een land. Meer dan 7 miljoen mensen werken in de creatieve industrie in Europa. Los van het economische aspect is cultuur echt een fundament van de maatschappij. Meer dan ooit is gebleken dat mensen er zeer veel waarde aan hechten.’

Druk achter de schermen 

Het FeliXart Museum in Drogenbos moest de tentoonstelling Camouflage voortijdig sluiten. ‘Jammer’, zegt Sergio Servellón, ‘want traditioneel komen mensen pas op het einde van de tentoonstellingsperiode langs. Het museum was ook volgeboekt met groepen en scholen. Met deze tentoonstelling hadden we ons nog meer op de kaart kunnen zetten en bezoekers uit een ruimere regio kunnen aantrekken.

Tijdens de lockdown bleef het kleine team aan de slag, maar de sluiting had een grote weerslag op de freelancers die voor het museum werken, onder meer voor techniek, opbouw, gidsbeurten en bewaking. Gelukkig stelt de Vlaamse overheid extra middelen ter beschikking om hen te compenseren. ‘Tijdens de sluiting konden we dingen doen waar we meestal niet toe komen. We vragen ons af hoe we dit soort werk zichtbaar kunnen maken, niet alleen voor bezoekers, maar ook voor politici en de gemeenschap. Misschien is er dan meer begrip voor de middelen die instellingen nodig hebben.’ 

Nieuwe ideeën

Ook FeliXart heeft zich moeten heruitvinden. ‘Op korte tijd hebben we een erg geslaagde virtuele toer gecreëerd. Daar gaan we vanaf nu altijd op inzetten. De virtuele toer kwam er dankzij ICOM Vlaanderen (International Council of Museums), waarvan ik voorzitter ben. Heel wat collega’s stonden voor dezelfde uitdaging en zo hebben we een mooie overeenkomst kunnen sluiten voor de realisatie ervan.’

Doorgaans zet FeliXart in op schoolbezoeken in een straal van 15 km rond het museum. Voor veel scholen is het niet haalbaar om zich verder te verplaatsen. ‘Dat is spijtig, zeker als je een project hebt dat veel waardering krijgt in de nationale media. Nu broeden we op een formule waarbij onze gidsen op de scholen zelf de virtuele tour live begeleiden. Daarmee kan je naar Oostende, Wallonië, … Het zou een en-en-verhaal zijn: fysieke groepen binnenhalen voor de lopende tentoonstelling en de back cataloog inzetten voor de bredere regio.’

‘Het is goed om even uit de ratrace te stappen en zorgvuldig uit te werken hoe we de fysieke en digitale ontsluiting op een opener manier kunnen aanpakken. Dat we daar niet eerder tijd voor maakten, komt ook door de druk rond publiekscijfers. Grote tentoonstellingen zijn duur, maar fundamenteel voor onze werking. FeliXart opteert nu voor projecten die minstens 6 à 7 maanden lopen. We gaan veel meer dat participatieve benadrukken en zullen eerder de tevredenheid van bezoekers peilen dan puur naar de aantallen te kijken.’

Ongeziene eensgezindheid

Als voorzitter van de sectorvereniging nam Servellón ook deel aan de gesprekken die ervoor zorgden dat musea als eerste mochten heropenen in juni. ‘We sensibiliseerden de overheden en publieke opinie via open brieven, en stelden een zevenpuntenplan op voor de heropening. Musea zijn veilig en hebben grote ruimtes. Het is een plaats voor verpozing, je kan er eens iets anders zien en ervaren dan thuis. De heropening was belangrijk omdat kunst helend kan zijn, het is goed voor de mentale gezondheid.’

De open brief was een initiatief van alle museale verenigingen in Vlaanderen, Wallonië en Brussel. ‘Dat we zoiets in één week tijd voor elkaar hebben gekregen, is ongezien. Er heerste een zeer grote solidariteit en eensgezindheid over het zevenpuntenplan. Het is een kans om aan te tonen dat cultuur wel degelijk een maatschappelijke meerwaarde heeft die verder gaat dan verstrooiing of toerisme. Het raakt mensen echt.’

Komen de bezoekers terug nu het museum opnieuw open is? Het antwoord is een overtuigde ‘ja’, al is de capaciteit wel beperkt tot 50 mensen terzelfdertijd. FeliXart heeft 12 ruimtes van ongeveer 7 op 7, dus volgens de afstandsregels mogen er maximum vijf mensen per ruimte aanwezig zijn. Voor de nieuwe tentoonstelling kon FeliXart geen vernissage houden, maar op de openingsdag kwamen toch gespreid een 80-tal mensen.

Meer filosofisch in de realiteit staan

Hoe ziet Servellón de toekomst op lange termijn? ‘De samenwerkingen over de taalgrenzen heen, daar moeten we mee verder doen. Momenteel tonen we een deel van de collectie van het Museum van Elsene en we merken een toevloed van nieuwe groepen. We waren al participatieprojecten aan het opzetten en gaan verder op dat spoor. We  willen mensen meer betrekken, bijvoorbeeld bij de keuze van objecten voor een opstelling.’

Daarnaast wil FeliXart nog meer verschillende netwerken verbinden. ‘Tegenwoordig werken we nauw samen met gemeenschapscentra van ‘de Rand’. Wij spelen in op hun aanbood en omgekeerd. De grenzen van dienstverlening naar publiek, scholen en verenigingen worden poreus, en dat is absoluut geen bedreiging. De zuidrand snakt naar meer samenwerking tussen cultuur en innovatieve, industriële hubs zoals de Catala-site in Drogenbos. We moeten vaker onze infrastructuur ten dienste stellen van projecten die verder gaan dan het puur artistieke, kijken naar wat er gebeurt in de maatschappij en wat onze plaats daarin is. Hoe kunnen we meer zijn dan alleen maar een plaats waar je objecten bewaart? Wat is onze maatschappelijke missie? Je eigenheid moet je steeds aftoetsen aan de veranderende werkelijkheid. Hoe kan je het vertrouwen dat je krijgt en het contact met je publiek behouden? Moet een museum neutraal zijn of activistischer optreden? Dus ja, dankzij corona hebben wij de kans gekregen om filosofischer in de realiteit te staan. Dat is ook de rol die we hebben als museum: een verbindings- en bezinningsplaats zijn, waar je in contact komt met diverse zienswijzen.’