01 apr '19

Nieuw leven in de kerk

1415
door Gerard Hautekeur
De boekhandel in de Dominicanenkerk in Maastricht en het Museum voor Fotografie in het Karmelietenklooster in Charleroi zijn twee voorbeelden van religieus erfgoed dat een andere bestemming kreeg. Ook in Vlaanderen en de Rand zijn er geslaagde realisaties van herbestemming van parochiekerken.

Het Centrum voor Religieuze Kunst en Cultuur (CRKC), door de Vlaamse overheid erkend als expertisecentrum voor religieuze kunst en cultuur, publiceerde recent het boek Leven in de kerk. De organisatie heeft zich gevestigd in de Norbertijnerabdij op de historische site van de Abdij van Park in Heverlee, waar ze in 2017 ook PARCUM opende, een dialoogmuseum voor religie, kunst en cultuur. 

We spreken af met Jonas Danckers, stafmedewerker en medeauteur van het fraai uitgegeven boek dat 45 inspirerende praktijken van medegebruik, nevenbestemming en herbestemming uit alle Vlaamse provincies kleurrijk in beeld heeft gebracht. Ze geven inspiratie aan de nieuwe projecten die op stapel staan. Richtinggevend voor de toekomst zijn de kerkenbeleidsplannen met de strategische visies op het gebruik van de kerkgebouwen per gemeente. In veertien gemeenten van de Rand zijn de kerkenbeleidsplannen inmiddels al volledig afgerond. 

‘Voor de kerkenbeleidsplannen is 2019 een cruciaal jaar. Dit jaar maken de gemeenten immers hun meerjarenplannen en begroting op voor de periode 2020-2025. Ook de kerkfabriek moet voor de kerkgebouwen, in samenwerking met het gemeentebestuur, een nieuwe meerjarenbegroting opmaken voor de geplande investeringen.’

KERKENBELEIDSPLAN

Minister-president Geert Bourgeois (N-VA) gaf in zijn conceptnota Toekomst voor de Vlaamse parochiekerken de gemeentebesturen en de kerkfabrieken in 2011 de opdracht een kerkenbeleidsplan op te maken. ‘Ze moeten een toekomstvisie op lange termijn uittekenen voor de kerken op hun grondgebied. Sedert 2015 komt de kerk alleen nog in aanmerking voor subsidies van de Vlaamse overheid als een kerkenbeleidsplan is goedgekeurd door de gemeenteraad en de bisschop,’ verduidelijkt Danckers.

‘Een parochiekerk heeft niet alleen een religieuze functie, maar ook een sociale.’

Hij schetst de verschillende stappen in het tot stand komen van een kerkenbeleidsplan. ‘Allereerst is de pastorale ploeg aan zet. De priester, de diaken en de vrijwilligers die bij misvieringen, catechese en in andere werkingen van de parochies actief zijn, moeten zich buigen over de toekomst. Hoe willen ze ‘kerk’ zijn in de toekomst en welke rol spelen de gebouwen hierin? Ze geven een aanzet tot volgende moeilijke keuzes: welke kerk willen we behouden voor de eredienst? Welke kerk willen we op cultuur- en kunsthistorisch vlak sterker kunnen valoriseren via concerten, rondleidingen of tijdelijke tentoonstellingen? Welke kerk willen we openstellen voor een andere christelijke gemeenschap? Welke kerk kan een religieuze met een profane functie combineren, zoals de creatie van een polyvalente ontmoetingsruimte? En tenslotte, welke parochiekerk wordt volledig aan de eredienst onttrokken en krijgt een nieuwe bestemming?’ 

Op basis van het voorbereidende werk van de pastorale ploeg, schuiven de gemeente en de kerkfabriek mee aan de overlegtafel. Ze buigen zich over deze vragen en bespreken de sociale en culturele noden in de gemeente. Denk aan kinderopvang, loketfunctie, afhaalpunt, polyvalente ruimte en bibliotheek. Diverse aspecten in verband met het kerkgebouw worden bekeken: de architectuur, de geschiedenis, de omgeving. Om het draagvlak voor het toekomstplan te vergroten, pleit Danckers voor een zo een vroeg mogelijke participatie van bewoners en verenigingen. ‘Zodra het gemeentebestuur en de kerk samenzitten, maken ze best ruimte voor participatie. Bij de communicatie naar de bevolking moet je, naast de kerkelijke kanalen zoals het Parochieblad, ook gebruikmaken van het gemeentelijk informatieblad, de lokale en regionale media, flyers, facebook, een online enquête en infovergaderingen. Op die manier wordt het meer dan een kerkelijk verhaal. Ondanks de zeer geringe opkomst bij de zondagse vieringen, voelt 70 tot 75% van de lokale bevolking zich nog altijd emotioneel betrokken bij de toekomst van de kerk.’

‘Ondanks de lage opkomst bij de zondagse vieringen, voelt meer dan 70% van de  bevolking zich nog altijd betrokken bij de toekomst van de kerk.’

HAALBAARHEID

Uit het overleg tussen de pastorale ploeg, de kerkfabriek en de gemeente moet er een akkoord ontstaan over het toekomstplan voor de parochiekerken in de gemeente. Dit vormt de basis voor het kerkenbeleidsplan dat door de gemeenteraad en de bisschop moet worden goedgekeurd. Danckers is er voorstander van om ook na de opmaak van het kerkenbeleidsplan het overleg voort te zetten en stelt voor om per gemeente een kleine werkgroep kerkgebouwen op te richten, waar gemeente, kerkfabriek en andere partners deel van uitmaken. 

Als er een heel concreet voorstel van neven- of herbestemming op tafel ligt, is de haalbaarheidsstudie de volgende belangrijke stap. Om na te gaan of een project praktisch en financieel haalbaar is, kunnen gemeentebesturen en kerkfabrieken een beroep doen op gespecialiseerde architecten van het Projectbureau Herbestemming. Als het Projectbureau een oproep lanceert, kunnen gemeenten zich daarop inschrijven. Het projectbureau is een initiatief van de Vlaamse bouwmeester, CRKC-PARCUM, de Vlaamse agentschappen Onroerend Erfgoed en Binnenlands Bestuur, en van Vlinter, het samenwerkingsverband van elf Vlaamse intergemeentelijke verenigingen voor streekontwikkeling, en de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten. Binnen de zes maanden publiceert het Projectbureau zijn rapport, geeft het uitsluitsel over de technische haalbaarheid en maakt het een financiële raming van de kosten.

SITUATIE IN DE RAND

‘Door de toenemende verstedelijking en de almaar grotere diversiteit van bevolkingsgroepen is de situatie van de parochiekerken in de Rand anders dan in de meer traditionele katholieke parochies op het platteland. De superdiversiteit is een grote uitdaging, ook voor kerk en parochie. Het lijkt op het eerste gezicht problematisch’, aldus  Danckers, ‘maar het schept voor de parochiekerk nieuwe mogelijkheden om werk te maken van projecten die de verschillende gemeenschappen verbinden. In  Groot-Bijgaarden bijvoorbeeld heeft de Wivinaprocessie een lange traditie. In 2020 wil de parochie die processie extra in de verf zetten. Hierin ligt een kans om met nieuwkomers, ook van andere religies gemeenschappelijke aspecten in tradities te ontdekken.’

‘In de toekomst zal in de Rand meer interactie en dialoog ontstaan met andere religieuze gemeenschappen,’ zegt Danckers. Hij wijst erop dat het Vicariaat Vlaams-Brabant en Mechelen met zijn project Nieuwe wegen bouwen sterker wil anticiperen op maatschappelijke uitdagingen. ‘Het Vicariaat stimuleert de oprichting van pastorale zones voor een hele gemeente of zelfs ruimer waarin een ploeg van leken-vrijwilligers en priesters de verantwoordelijkheid neemt. Ze kunnen ook het voortouw nemen in sociale projecten voor ouderen, jongeren, vluchtelingen, huisvesting of armoedebestrijding, bijvoorbeeld via de organisatie van een voedselbank in de parochiekerk. In dit opzet heeft de parochiekerk niet enkel een religieuze, maar ook nadrukkelijk een sociale functie.’

GEBRUIK VAN PAROCHIEKERKEN

De Vlaamse bisschoppen vaardigden in 2012 hun richtlijnen uit voor het gebruik van de parochiekerken. Daarin definiëren ze ook medegebruik, nevenbestemming, multifunctioneel gebruik, valorisatie en herbestemming. Werner Van Laer, woordvoerder van het Vicariaat Vlaams-Brabant en Mechelen: ‘Het Vicariaat geeft bij de herbestemming van een parochiekerk nog altijd de voorkeur aan sociale, culturele en maatschappelijke projecten. Er zijn ook voorbeelden van de voorziening van wooneenheden, gekoppeld aan een buurtwinkel bijvoorbeeld. Of de inrichting van klaslokalen voor de uitbreiding van een nabijgelegen school. Puur commerciële herbestemmingen, denk aan een inplanting van een grootwarenhuis, zullen ook nu geen goedkeuring krijgen van de bisschop.’ Toch stipt Van Laer aan dat de discussie over wat kan en niet kan in de kerk niet altijd evident is. ‘We hebben weinig of geen traditie hierin. Vijf jaar geleden waren er in Vlaamse kerken nog maar weinig projecten van herbestemming. Dit staat nu pas echt op de agenda. We moeten ook rekening houden met nieuwe ontwikkelingen. Bij medegebruik wordt een kerkgebouw opengesteld voor andere katholieke of christelijke geloofsgemeenschappen, maar in de praktijk zien we dat de kerk gaandeweg volledig wordt overgenomen door die andere geloofsgemeenschap. Er ontstaat een situatie waarbij een kerkfabriek een katholieke kerk bestuurt waar geen katholieke eredienst meer wordt gehouden. Ook over dergelijke bestuurlijke consequenties van herbestemming moeten we ons buigen.’

RINGtv: Calvariebergkapel wordt ontwijd