01 dec '20

Geen twee maar
drie afspanningen 

3116
door Freddy Philips
Vandaag rijden een heleboel mensen de verloren gelegen driehoek tussen Wemmel, Meise en Strombeek-Bever, vlak naast de A12, wat achteloos voorbij. Dikwijls weten zij niet dat er zich hier een rijke geschiedenis heeft afgespeeld.

Enkele plaatsen en gebouwen zijn nog stille getuigen van deze geschiedenis. Laten we onze ontdekkingstocht starten aan de Nieuwelaan in Meise, voor het bekende gastronomische restaurant Auberge Napoleon. De oorsprong van deze witte fermette gaat terug naar de 18e eeuw. Het zou een vroegere boerderij van het kasteel van Bouchout zijn geweest. Het was een herberg, de stamënee bai bëstël, de eerste jeugdclub van Meise en na de Tweede Wereldoorlog een café met het eerste benzinestation van het merk Caltex. Vanaf de jaren 60 is het een restaurant met sinds 2011 de huidige uitbaters Jan en Karlien Stallaert. Volgens de overlevering zou de naam van de keizer komen, die met zijn troepen uit Duitsland terugkwam, daar bleef slapen en dan naar zijn nederlaag in Waterloo trok. Als we vandaar richting Laken wandelen, via de laan met mooie kastanjebomen, in 1895 heraangelegd door Leopold II en in feite de oude baan is van Antwerpen naar Brussel, passeren we rechts het kasteel van Bouchout.

Kasteel van Bouchout

Het opmerkelijkste en meest bekende kasteel in Meise is dat van Bouchout. Sinds 1958, herbergt het park de Nationale Plantentuin. Het kasteel kende een bewogen geschiedenis van vele eigenaars en verbouwingen. De oorsprong van het kasteel gaat terug naar 1095 wanneer Godfried I, hertog van Brabant, er een versterkte burcht met vierkante toren bouwde als schild tegen de machtige heren van Grimbergen die hem ontrouw waren. In 1879 kocht koning Leopold II het kasteel voor zijn ongelukkige, krankzinnige zuster Marie Charlotte, prinses van België, aartshertogin van Oostenrijk, weduwe van keizer Maximiliaan van Mexico. Ze verbleef er 41 jaar. 

Opmerkelijk: tijdens WOI, toen Meise door het Duitse leger werd bezet, bleef het domein onaangeroerd omdat het de woonplaats van keizerin Charlotte was, schoonzus van keizer Frans-Jozef van Oostenrijk. Marie Charlotte overleed er in 1927 op 87-jarige leeftijd. In 1939 werd het domein eigendom van de Belgische staat, die het van het vorstenhuis kocht voor de niet onaardige som van bijna 10 miljoen oude franken. Vandaag kan het kasteel worden afgehuurd voor het organiseren van seminaries, meetings en vergaderingen. Iedere bezoeker van de Plantentuin kan al wandelend in het park genieten van deze uitzonderlijke waterburcht. 

Rotterik

Twee kilometer verderop richting Brussel komen we op een T-kruispunt, genaamd Dry Pikkel of Dry Pickels in het oud-Nederlands. De naam verwijst naar een driepotige kruk die gebruikt wordt om koeien te melken. Misschien verwijst hij ook naar de drie aangrenzende gemeenten die op deze plek samenkomen: Meise, Wemmel en Strombeek-Bever. Aan de linkerkant ligt er een boerderijtje, verborgen in het groen. Het is de Rotterik watermolen. De Sprietmolen, Ter Spreetmolen, Drie- of Drijpikkelmolen was een korenwatermolen met metalen bovenslagrad aan de Maalbeek. Hij is genoemd naar de Hoeve Ter Spreet, die niet meer bestaat. Deze watermolen was de eerste in een reeks van vijf op de loop naar Grimbergen. Hij werd al in 1355 vermeld en werd in de 14e eeuw door Jan Van Bouchout aan de abdij van Grimbergen geschonken. Het huidige gebouw dateert van 1742. Het werd verbouwd in 1876, 1897 en 1978. Nu is er sprake van dat deze molen onteigend zou worden om de sneltram van Willebroek naar Brussel langs de A12 aan te leggen. Laat ons nog een stapje verder gaan: rechts van de watermolen staat een gerenoveerd gebouw, het is het vroegere Meli Park.

Meli Park

In 1934 kocht Alberic-Joseph Florizoone, een honinghandelaar uit Veurne, een stuk vruchtbare poldergrond in Adinkerke De Panne om er een recreatiepark te bouwen: het Meli Park. Hij verkocht er zijn honing, de bezoekers konden er het boeiende leven van de bijen leren kennen en de kinderen maakten plezier op alle soorten attracties. Het eerste pretpark van ons land was geboren. 

Als gevolg van de groeiende vraag naar zo’n pretparken kocht Florizoone in 1945 een mooi stuk grond in Meise/Strombeek-Bever, recht tegenover Brouwerij De Dry-Pikkel, waar hij in 1946 zijn tweede Meli Park opende. In 1951 werd het uitgebreid met een cafetaria en de eerste zelfbediening in België. In juli 1954 kwamen daar een kleine sprookjestuin en een minigolfbaan Meligolf bij. Deze laatste was verfraaid met miniatuurmonumenten, zoals het Perron van Luik, de stuwdam van de Gileppe, het Gravensteen van Gent, de Ezelpoort van Brugge, enzovoort. 

  

Dry Pickels in het oud-Nederlands verwijst naar een driepotige kruk die gebruikt wordt om koeien te melken.

In de aanloop van de Expo 58 werd de zaak gesloten omwille van de aanleg van de A12-snelweg langs het terrein. Ter compensatie kreeg Florizoone een terrein ten oosten van het Heizelstadion, waar hij een paviljoen van 1.200 m² bouwde. Na de Wereldtentoonstelling kreeg hij de toestemming om dit park te verbouwen tot ‘de Meli’, met een oppervlakte van maar liefst 4,5 ha. In 1987 maakte dit park plaats voor Bruparck en het bioscoopcomplex Kinepolis. Nu zijn er alweer nieuwe plannen met dat terrein. Het hoofdgebouw van de Meli in Meise staat er nog steeds, en werd de laatste jaren meerdere keren verkocht en gerenoveerd. Het laatste project was om er een multicultureel ontmoetingscentrum van te maken… Aan de overkant van het Meli Parkgebouw bevindt zich de vroegere Brasserie du Dry Pikkel.

Brasserie du Dry Pikkel

Op de hoek van de Boechoutlaan en de Drijpikkelstraat ligt een fraai gerestaureerde voor malige brouwerij. Op de gevel van dit beschermde monument hangt er een plaat met opschrift: Brouwerij uit de 17e eeuw. Deze brouwerij was gelegen aan de oude weg BrusselTemse en werd bewoond door het geslacht De Vleminck. Het is een dubbelhuis met een verdieping van baksteen op een zandstenen plint en een zadeldak. De dienstgebouwen staan rondom twee binnenplaatsen. Deze Dry-Pikkel of Drij-Pickel afspanning is een van de oudste in de omgeving. Er werd een jaarsteen uit 1640 teruggevonden. Het was de plek waar de paarden van de postkoetsen werden afgespannen om te kunnen rusten of verwisselend te worden alvorens Brussel te bereiken.

Een gedeelte van de huidige gebouwen dateren van 1820. Het was toen een groot gesloten complex dat uit een afspanning, een kuiperij, boerderij en later een brouwerij bestond. In 1892 werd de brouwerij overgenomen door Jean Charles De Vleminck & Fils, die in 1904 actief was onder de naam Brouwerij du Drij Pikkel S.A. Hij produceerde faro, geuze, geuze lambiek, kriek en krieken lambiek tot schulden hen in 1955 dwongen te sluiten. Er kwam een zuivelfabriek in de plaats. De taverne bleef in bedrijf tot in 1971. Zeven jaar later werd het hele brouwerijcomplex gekocht door wijngroothandel H. Roscam, die de gebouwen volledig restaureerde en tot op vandaag gebruikt worden als wijnopslagplaats. 

De stoomtram die eind 19e eeuw van Brussel naar Meise reed en de prachtige laan met kastanjebomen maakten van de Dry Pikkel een begrip voor vele stadsmensen. De boerentram bracht hen op zondagen naar den buiten, waar ze na een flinke wandeling een pint konden drinken in een café of afspanning. Maar wie kent er nog de derde brasserie in de buurt? Ze lag rechtover de hoofdingang van het kasteel van Bever, jarenlang in het bezit van de familie de Villegas de Clercamp en in 2004 gekocht door ondernemer Bart Verhaeghe. De naam ervan was Brasserie du Meiboom.

Brasserie du Meiboom

Van deze brasserie aan de linkerkant, naast de Meli en rechtover Brasserie du Dry Pikkel is weinig of niets geweten. Een toevallige ontmoeting met een achterkleinnicht van de toenmalige eigenaars gaf mij echter wat meer informatie over een café dat ik mij nog uit mijn jeugd herinnerde. Zo kwam ik te weten dat er op deze plaats al sinds de 19e eeuw een boerderijtje stond dat na WOII in handen kwam van het Brusselse koppel Thérèse Verhulst en Benoit Carels, die het omvormden tot een herberg die bekend stond onder de namen Café Laiterie de Meiboom, La bonne auberge Meiboom, A la bonne auberge. Ook deze afspanning werd druk bezocht door stadsmensen die er met de tram naartoe kwamen om te genieten van een geuze, een kriek en een boterham met platte kaas, pijpajuintjes en ramenas of radijzen. Net zoals de Meli werd het café gesloten in 1956-57 omwille van de aanleg van de snelweg A12. Het oude hoevetje werd in alle stilte gesloopt. Er bleven weinig of geen sporen van over.