01 apr '18

Leerschool in
democratie en tolerantie

714
door Gerard Hautekeur
La Placette in Wezembeek-Oppem dateert van 1986 en is het oudste cohousing project in de Rand. De elf huishoudens slagen er wonderwel in om de individuele en de gemeenschappelijke woonbehoeften te combineren.

Anne De Cannière en haar man horen bij de initiatiefnemers van La Placette. Tien van de elf families die het cohousingproject hebben opgestart,  wonen er nog steeds. ‘Eerst dachten we aan een project van samenhuizen in een oude hoeve, een leegstaand klooster of een oud kasteel, maar onze voorkeur ging naar een nieuwbouw op een terrein in Wezembeek-Oppem’, verduidelijkt De Cannière. 

De initiatiefnemers lieten zich inspireren door een bestaand cohousingproject, maar werkten, samen met een architect, het eigen concept verder uit. Alle woningen zijn in dezelfde stijl gebouwd rondom een gemeenschappelijk plein vol planten. Het binnenplein is een groene oase van rust. Iedere woning heeft een individuele tuin. ‘Een derde van het terrein is bestemd voor de individuele woning met tuin. Twee derde is gemeenschappelijk domein. Er is de gezamenlijke woning met keuken en vergaderruimte. De zolder van die woning is ingericht als gastenverblijf. Achter de woningen is er een grote gemeenschappelijke tuin met een fruitboomgaard, een hoekje met bessenstruiken, enkele moestuinen, een ruime speelweide en groene recreatieruimte. Her en der zijn er gezellige zithoekjes aangelegd. Het is de beste illustratie dat je samen meer realiseert dan elk afzonderlijk’, benadrukt De Cannière.

GOEDE AFSPRAKEN

‘Voor de veertig kinderen die hier zijn geboren, was de speelweide een aantrekkelijke leefomgeving waar ze samen konden spelen en ravotten. Ze zijn niet opgegroeid als broers en zussen, maar wel als neven en nichten. De onderlinge samenhorigheid is groot. Toen er in de voorbije jaren twee van de kinderen op jeugdige leeftijd zijn gestorven, was dit een ramp voor de hele gemeenschap en deelde ieder gezin in de rouw. Dat we het al zo lang zonder noemenswaardige fricties hebben volgehouden, is omdat de individuele familie en privacy op de eerste plaats komt en de groep op de tweede plaats.’ 

De Cannière wijst op het belang van goede afspraken. ‘Bij de ondertekening van de notariële acte hebben we een brochure gevoegd met onze collectieve afspraken over de cohousing. Voor het gemeenschappelijke beheer is een vereniging van mede- eigenaars opgericht, vergelijkbaar met de mede- eigenaars van een flatgebouw. We werken niet met een syndicus, maar kiezen jaarlijks een voorzitter, penningmeester, secretaris en een nieuw bestuur. Niemand gedraagt zich als een paus die het alleen voor het zeggen heeft. De beslissingen nemen we altijd bij consensus. We vergaderen maandelijks met alle bewoners en nemen uitgebreid de tijd om alles bespreekbaar te maken. Moeilijke situaties gaan we niet uit de weg. Wie nooit kandidaat wil zijn voor het voorzitterschap kan zijn talenten op andere vlakken inzetten, zoals bij het snoeien of tuinieren. Iedere maand organiseren we een gezamenlijke werkdag voor het onderhoud van het pleintje, de tuin en de gemeenschappelijke woning. Iedereen neemt daarbij zijn verantwoordelijkheid op.’

SOCIAAL

Zoveel is duidelijk: samenhorigheid ontstaat niet vanzelf, je moet daarin investeren. ‘Vanaf het prille begin nemen we gezamenlijke initiatieven die de sfeer onder de leden ten goede komt. Ieder jaar is er een drink voor de buurt. We doen aan teambuilding en organiseren jaarlijks een gezamenlijk weekend aan zee of in de Ardennen. Maandelijks plannen we een gezamenlijk etentje in onze gemeenschappelijke woning, af en toe vertonen we een film of nodigen we een spreker uit.’ 

Van bij de start hechten de leden van het cohousingproject veel belang aan sociaal engagement. ‘Binnen La Placette hebben we drie kleine flats die we aan een schappelijke prijs verhuren aan mensen die het moeilijk hebben in de samenleving. Momenteel woont in een van de flats een alleenstaande man met een handicap. Een andere flat verhuren we aan een Syrisch koppel. Op al onze gezamenlijke activiteiten worden de flatbewoners uitgenodigd. Ook zij hebben het gevoel dat ze erbij horen. Ons cohousing project kun je gerust een leerschool in democratie en tolerantie noemen’, besluit De Cannière.