01 okt '18

‘Ik wil het geluk opkrikken

553
door Ines Minten
Vijf jaar geleden kwam hoogleraar gezondheidseconomie Lieven Annemans op het spoor van het geluksonderzoek. ‘Geluk is iets anders dan plezier maken. Het is veel standvastiger.’

Annemans studeerde lichamelijke opvoeding, bedrijfseconomie en handelsingenieur. ‘Pas toen ik een boek las van een Engelse gezondheidseconoom viel alles in de plooi: dát wou ik doen. Begin jaren 90 was gezondheidseconomie nog heel nieuw. Intussen is het een discipline die veel belangrijker en bekender is geworden, hoewel ik nog af en toe moet uitleggen wat ik nu precies doe.’

EVENWICHT

Hoeveel mogen geneesmiddelen kosten? Op welke manier betalen we artsen en andere zorgverleners? Hoeveel betaal je voor een doktersbezoek? Allemaal vragen waar Annemans mee bezig is. ‘Vaak komt het neer op een goed evenwicht vinden. Neem de prijs van de gezondheidszorg. Als ze niets kost, zien sommige mensen er de waarde niet van in. Kost ze te veel, dan kan niet iedereen ze betalen.’ 7% van de Belgen stelt noodzakelijke zorg uit omdat die te duur is. ‘Dat zijn 800.000 Belgen. Noem het gerust een maatschappelijk probleem. Ik hou me met dit soort onderzoek bezig omdat ik goede gezondheidszorg een mensenrecht vind. Zelfs als je minder altruistisch bent, moet je inzien dat een onrechtvaardige toegang tot gezondheidszorg nefast is voor de samenleving. Een patiënt die zijn medicatie tegen hoge bloeddruk niet neemt omdat hij die niet kan betalen, heeft later meer kans op hartziekten, en dat weegt veel meer door op het systeem. Uiteindelijk keert het zich dus tegen iedereen.’

VOLHOUDEN

Onderzoek louter voor de academische eer is voor Annemans niet weggelegd. ‘Mijn onderzoek moet relevant zijn voor het beleid en resulteren in beleidsadvies.’ Maar wegen op beleid en politiek is een werk van lange adem. ‘Je moet jaren op dezelfde nagel kloppen en het gaat altijd trager dan je hoopt, maar ik ben er positief over. Ik hamer er al meer dan vijftien jaar op dat er meer aandacht en middelen naar preventie moeten gaan. Dat begint stilaan zijn vruchten af te werpen. Je merkt dat beleidsmakers veel meer begaan zijn met het belang van meer bewegen en gezonde voeding dan vroeger. Het dringt ook door tot meer beleidsdomeinen dan alleen ‘gezondheid’. Het is evengoed een verantwoordelijkheid voor de ministers van Werk, Onderwijs, Sport, enzovoort. Vroeger was ik ongeduldig: iedereen zag toch dat het in ieders belang was en dat we er iets konden aan doen. Waarom gebeurde dat dan niet? Nu begrijp ik beter hoe die mechanismen werken en kan ik er ook beter mee om. Je mag je niet laten afschrikken door tegenwerking en traagheid, of door pessimistische of cynische mensen.’

GELUK IS NIET SAAI

Vijf jaar geleden raakte Annemans gefascineerd door geluksonderzoek. ‘In de gezondheidseconomie doen we vaak kosten-batenanalyses. Hoeveel kost een bepaalde behandeling en hoeveel gezondheidswinst levert ze op? Een behandeling die erg duur is, maar de patiënt veel extra levenskwaliteit en levensverwachting kan geven, is haar geld waard.’ Wie het over levenskwaliteit heeft, schurkt dicht tegen het domein van geluk aan. ‘Veel mensen denken dat geluk hetzelfde is als plezier. Maar geluk is standvastiger. Het betekent een goede levenskwaliteit hebben, je goed in je vel voelen. Anderen vinden dat je om geluk te kennen ook door diepe dalen moet. Ook daar ben ik het niet mee eens. Iemand die gelukkig is, kent minder grote schommelingen. Hij of zij ervaart weinig negatieve emoties zoals boosheid, angst of jaloezie. Dat maakt geluk daarom nog niet saai, hè, integendeel!’ lacht hij. Twee jaar geleden zette Annemans zijn onderzoek naar geluk op. ‘Begin dit jaar hebben we 3.800 Belgen ondervraagd over alle facetten van geluk. De resultaten zijn we nu aan het analyseren. Mijn uiteindelijke doel is om het gemiddelde geluk van de Belg op te krikken.’

KWAKKELEND BELGISCH GELUK

Op een schaal van 0 (heel ongelukkig) tot 10 (perfect gelukkig) scoren de Belgen gemiddeld 6,6. Geslaagd, maar geen onderscheiding. ‘Geen schitterend resultaat, nee. Zeker als je bedenkt dat meer dan een vierde van de Belgen minder dan 5 scoort, en dus écht niet gelukkig is.’ Annemans is ervan overtuigd dat dat gemiddelde omhoog kan. Daarom zoeken hij en zijn medewerkers nu uit wat de doorslaggevende factoren voor geluk zijn. Er staat immers meer op het spel dan het welbevinden van individuen alleen.

‘In landen met gemiddeld gelukkigere mensen zie je minder geweld, criminaliteit, ruzie, racisme en pesterijen.’

Wie zich gelukkig voelt, heeft meer vertrouwen in de medemens. Of wie meer vertrouwen heeft in de medemens, voelt zich gelukkiger. Hoe dan ook: de uitkomst is positief.

WARMTE EN VERTROUWEN

Maart volgend jaar wil Annemans zijn onderzoek afronden, maar de eerste resultaten zijn binnen. Te veel tijd verkwanselen op sociale media blijkt niet bevorderlijk. Mensen met een laag inkomen zijn gemiddeld minder gelukkig. ‘Maar er is ook een bovengrens’, benadrukt hij. ‘Vanaf een bepaald niveau maakt een hoger inkomen je niet meer gelukkiger. Dat lijkt me een goede reden om de inkomensongelijkheid eens deftig aan te pakken.’ Voor jezelf zorgen is belangrijk, maar voor anderen zorgen minstens evenveel. ‘Wie vrijwilligerswerk doet of zich op een andere manier inzet voor anderen, scoort meestal hoger op de geluksschaal.’ Je maakt een ander blij, maar ook jezelf. Dubbele winst. 

‘Wie zich gelukkig voelt, heeft meer vertrouwen in de medemens.’

Ook eenzaamheid blijkt cruciaal. Wie aangeeft zich soms tot altijd eenzaam te voelen, heeft vier keer zoveel kans om ongelukkig te zijn. ‘Dus moet je uitzoeken waarom mensen eenzaam zijn en wat je eraan kunt doen. Vaak heeft het te maken met geen of een slechte intieme relatie hebben. En dan zie je dat een slechte relatie vaak nog erger is dan helemaal geen.’ Hoe zelfstandiger je beslissingen kunt nemen, hoe meer warmte je ondervindt van andere mensen en hoe bekwamer je je voelt in wat je elke dag doet, hoe minder kans op eenzaamheid. 

‘De recentste resultaten draaien rond opvoeding en onderwijs. Wie is opgegroeid in een warme omgeving en altijd veel vertrouwen heeft gekregen van zijn ouders en leerkrachten voelt zich doorgaans gelukkiger. Zulke vaststellingen leiden rechtstreeks tot beleidsadviezen: het welbevinden van kinderen op school en in het gezin is doorslaggevend voor een grotere kans op een gelukkig leven. 

GEEN OBSESSIE

Nu we toch bij de bron zitten: hoe werkt Lieven Annemans aan zijn eigen geluk? ‘Om te beginnen probeer ik er vooral niet te bewust aan te werken.’ Blijkbaar werkt obsessief met je gelukswens bezig zijn contraproductief. Wel kun je sleutelen aan de factoren die je ontevreden maken. ‘Ik besef dat dat gemakkelijk gezegd is. Heb je een laag inkomen? Zorg dan dat je meer verdient… Zo eenvoudig is het niet. Maar als je je slecht voelt in je werksituatie, kan een andere baan misschien wél helpen. Als je relatie scheef zit, kun je proberen daar iets aan te doen.’ 

Hijzelf blijkt een behoorlijk tevreden man. ‘Ik heb een goede relatie, een goede gezondheid, een goed inkomen en werk waarin ik me volledig kan uitleven. Dat speelt allemaal mee. En ik doe geregeld aan sport en meditatie. Ook dat helpt. Vroeger kon ik me enorm opwinden als iemand een onwaarheid vertelde of een van mijn voorstellen de grond in boorde. Nu laat ik me door zulke dingen veel minder uit het lood slaan. Gewoon aan de weg blijven timmeren, denk ik nu. Dat ik dat kan, heeft met meditatie te maken. Het traint je brein.’

Annemans probeert twee keer per week te fitnessen en twee keer te fietsen. ‘Ik ben bij een wielerclub in Meise. Aan fietsen hangt ook een sociale component: evenzeer belangrijk voor je geluk. Ik denk dat ik mijn werk minder goed zou aankunnen als ik minder sportte. Het is trouwens aangetoond dat meer bewegen goed is voor de hersenactiviteit; het stimuleert de verbindingen tussen de verschillende delen van je hersenen.’

En dan is er nog de muziek. ‘Muziek is mijn tweede grote liefde. Ik heb ze lang naar de achtergrond verschoven wegens te veel werk, maar enkele jaren geleden ben ik aan de pop- en jazzacademie in Grimbergen begonnen om mijn zang en pianospel bij te schaven. Zingen is fantastisch. Mijn stem is altijd mijn voornaamste instrument geweest, maar als je dan les krijgt van een professional, zie je jezelf ineens nog serieus evolueren. Echt tof.’ Elke dag piano spelen, zit er doorgaans niet in. ‘Ik oefen een drietal keer per week een half uurtje. Ik heb de indruk dat het een blijvend positief effect heeft, misschien wel hetzelfde als meditatie.’