01 sep '17

Sluipverkeer meten
en mijden

495
door Bart Claes
Aan de hand van de gegevens van ingebouwde gps-systemen in auto’s en smartphones brengen 19 gemeenten in de Vlaamse Rand de verkeersstromen op hun grondgebied in kaart. Bedoeling? Sluipverkeer opsporen en vermijden.

Het project gaat op 1 september 2017 van start en loopt een jaar. De gegevens helpen de Vlaamse administratie om de herinrichtingsplannen van de Ring (R0) op punt te zetten en de verkeersdruk in de filegevoelige regio te verlichten.

De Werkvennootschap – de organisatie van de Vlaamse overheid die werkt aan mobiliteitsoplossingen – tekent naarstig voort aan de herinrichting van de R0 en start daarover dit najaar een dialoog met omwonenden en bedrijven. De herinrichting spreidt zich uit over twintig kilometer, van de aansluiting met de E40 richting kust tot de aansluiting met de E40 richting Leuven.

Wie elke werkdag de R0 op moet, kent de problematiek. Vooral tijdens de spitsmomenten is het er lang aanschuiven. Het verkeer zoekt dan alternatieven en dat zorgt voor druk en sluipverkeer in de woonkernen van Grimbergen tot Zaventem. Maar objectieve cijfers bestaan daar niet over. Nog niet. Sinds 1 september kunnen 19 gemeenten in de Vlaamse Rand de verkeersstromen en het sluipverkeer via een webtool opvragen en analyseren.

VERKEERSSTROMEN ANALYSEREN

De Vlaamse regering gunde dit project aan Be-Mobile dat aan de hand van Floating Car Data het verkeer monitort. Floating Car Data zijn anonieme gegevens die afkomstig zijn uit gps-toestellen, smartphones en fleetsystemen in wagens.

De negentien gemeenten zijn: Dilbeek, Asse, Wemmel, Merchtem, Opwijk, Meise, Grimbergen, Zemst, Vilvoorde, Steenokkerzeel, Machelen, Zaventem, Kortenberg, Kraainem, Wezembeek-Oppem, Tervuren, Huldenberg, Overijse en Hoeilaart. Zij zijn niet lukraak gekozen, ze bevinden zich in het meest drukke en filegevoelige gebied van de Vlaamse Rand.

Hoe werkt het? Ben Weyts (N-VA), Vlaams minister van Mobiliteit, Openbare Werken en Vlaamse Rand: ‘De betrokken gemeentebesturen kunnen op hun eigen grondgebied, en tot vijf kilometer daarbuiten, verkeersanalyses uitvoeren, zoals analyses over sluipverkeer, herkomst en bestemming van het autoverkeer per aangeduide locatie. Ze kunnen reistijden opzoeken voor verkeerstrajecten en de bezettingsgraden van wegen nakijken.

Elk gemeentebestuur kan met de hulp van een webtool zelf aan de slag. Ze krijgen daarbij begeleiding van het departement Mobiliteit en Openbare Werken (MOW) van de Vlaamse overheid. De Werkvennootschap is ook betrokken en maakt van de data gebruik bij de herinrichtingsplannen van de Ring.’ De negentien betrokken gemeentebesturen kunnen de webtool en de gegevens van de Floating Car Data een jaar lang gebruiken. Op 1 september 2018 wordt het project afgerond.

Jaak Boon, provinciaal mobiliteitscoördinator van het departement MOW: ‘De bedoeling is dat we in kaart brengen hoe de verkeersstromen op het hoofdwegennet en het onderliggende wegennet vandaag verlopen. Samen met de gemeentebesturen bekijken we waar er ongewenst sluipverkeer zou zijn en brengen dat ‘vermoeden’ objectief in kaart. We helpen zoeken naar oplossingen die al meteen verlichting kunnen brengen. Sommige oplossingen zullen echter moeten wachten tot na de herinrichting van de R0.’

SLUIPVERKEER AAN BANDEN

Met de resultaten van de analyses kunnen de gemeentebesturen aan het werk. Het departement MOW helpt hen bij het uitdokteren van gepaste maatregelen. ‘De weginfrastructuur aanpassen bijvoorbeeld, zodat doorgaand of zwaar verkeer wordt afgeremd’, zegt Boon.

De analyses van het sluipverkeer kadert in een totaalinvesteringsplan van liefst twee miljard euro waarmee minister Weyts de verkeersknoop in de regio wil ontwarren.

‘Of slimme maatregelen zoals het inzetten van ANPR-camera’s (Automatic Number Plate Recognition), waardoor alleen vrachtwagens of personenwagens die een lokale bestemming hebben door mogen rijden.

In het geval van de Ring kunnen we de heraanleg van de opritten bekijken en kan zelfs het sluiten of verplaatsen van een bestaande oprit worden overwogen. De gegevens van de Floating Car Data zorgen voor objectieve cijfers die dergelijke beslissingen onderbouwen.’

TESTCASE VELTEM

Als testcase analyseerde het departement MOW, samen met de gemeente Herent, het sluipverkeer tussen de N26 (Leuven-Mechelen) en de N2 (Leuven-Brussel). Het verkeer volgde een route door het centrum van Veltem – Stationsstraat, Dorpsplein, Lodewijk van Veltemstraat – en zorgde daar voor hinder. ‘Vooral voor de schoolpoort in het centrum van Veltem zorgde het drukke sluipverkeer voor problemen’, zegt Maarten Forceville (CD&V), schepen van Mobiliteit in Herent.

Als maatregel werd er in het dorp eenrichtingsverkeer ingevoerd. De gps-gegevens werden nadien opnieuw geanalyseerd. Wat bleek? Na de ingreep ontweek het verkeer het centrum en reed via de Graafschaplaan van en naar de N2. ‘Met de hulp van de Floating Car Data kon worden aangetoond dat de maatregel een positief effect had op het weren van sluipverkeer. Niet enkel in Veltem zelf, maar ook richting Erps-Kwerps en Kortenberg’, stelt mobiliteitscoördinator Boon vast.

PARALLELRIJBANEN

De analyses van het sluipverkeer kadert in een totaalinvesteringsplan van liefst twee miljard euro waarmee minister Weyts de verkeersknoop in de regio wil ontwarren. De grootste brok daarvan gaat naar de herinrichting van de R0. Over een afstand van 20 kilometer krijgt de Ring parallelrijbanen voor het plaatselijke verkeer. Zo wordt komaf gemaakt met de gevaarlijke weefbewegingen, veroorzaakt door de op- en afrittencomplexen die er gemiddeld om de 500 meter zijn.

‘Als de automobilisten die de Ring op- of afrijden niet meer tussen het doorgaande verkeer hoeven te rijden, krijg je een rustiger wegbeeld en minder ongevallen’, stelt Weyts. Een vlotter verkeer ook, en dus minder sluipverkeer in de woonkernen.

De verbreding van de Ring en de heraanleg van de op- en afrittencomplexen zal onteigeningen met zich meebrengen. De eigenaars van terreinen en huizen worden daarvan persoonlijk op de hoogte gebracht. De werken starten in 2019. Een verdere timing is er nog niet. Die kan pas opgesteld worden als de aannemer gekend is. Op basis van het voorontwerp is er wel een eerste inschatting gemaakt van de uitvoeringstermijn: de werken in de zone Wemmel, Vilvoorde en Zaventem zullen respectievelijk vier, twee, en vier jaar duren.

DE RING SCHUIFT OP

Ter hoogte van het Laarbeekbos in Jette schuift de Ring op naar het noorden (het stuk tussen Strombeek-Bever en Groot-Bijgaarden). Het bos blijft intact en er komt een ecoduct voor mensen en dieren. Ecorasters moeten vermijden dat de dieren op andere plaatsen de Ring oversteken. Het Laarbeekbos is het grootste bosgebied ten noorden van Brussel, met een oppervlakte van 34 hectare.

Wat ook al vastligt, is dat de buitenring tussen Strombeek-Bever en Jette – net voorbij de op- en afrit naar de A12 – tien meter wordt verlaagd. De helling zorgt er vandaag voor een extra vertragingseffect, wat files in de hand werkt.

FIETS EN TRAM

De Vlaamse overheid investeert ook fors in de alternatieven voor de auto. Concreet komen er ongeveer 40 kilometer nieuwe fietswegen en 60 kilometer nieuwe tramlijnen in de regio rond Brussel. De drie tram(bus)lijnen van het Brabantnet zouden na 2020 elke dag 20.000 auto’s uit de file moeten halen.

Het gaat om een sneltram van Willebroek naar Brussel langs de A12, een ringtrambus van Brussels Airport over Vilvoorde naar Jette, en een luchthaventram van Brussel-Noord naar Brussels Airport. De nieuwe lijnen sluiten aan op de bestaande buslijnen en treinen, en op het net van de MIVB.

‘De uiteindelijke bedoeling van alle investeringen is om een vlotter verkeer te krijgen en ook om het sluipverkeer in de Vlaamse Rand terug te dringen, omdat er genoeg andere en betere alternatieven zijn’, zegt de minister.

Benieuwd naar hoe de Ring er zal uitzien? Volg het project op www.werkenaandering.be. Dit najaar begint de dialoog met de omwonenden en bedrijven om het ontwerp te verfijnen en worden de nodige gronden aangekocht. De herinrichting van de Ring gaat in 2019 van start.

REAGEREN

Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels.