16 feb '19

Sprankeltjes licht
in het donker

66
door Ines Minten
Wat als een mens zijn ijkpunten verliest? Als een sluipende, onzichtbare paniek je aan het wankelen brengt, wat doe je dan? Met dat plotse besef dat je helemaal alleen bent? Het gevoel bang te zijn, al weet je niet precies waarvoor?

De dansvoorstelling Invisible van kabinet k toont hoe zeven mensen van verschillende generaties zich aan elkaar vastklampen. ‘Ze verzinnen rituelen om de angst te bezweren en ze spelen om te vergeten. Ze zoeken elkaar om zich geborgen te weten, vinden elkaar en ervaren de troost van een hand op een hoofd, van samen lachen en huilen, van huid tegen huid’, vertelt dramaturge Mieke Versyp.

Invisible begint met een sterk openingsbeeld dat de toeschouwer onmiddellijk in de voorstelling trekt. Een volwassen danser staat alleen, in het halfduister, op de scène. Hij kijkt wat verloren om zich heen. Zoekt hij iets? Of heeft hij het vinden net opgegeven? Plots schiet hij uit zijn gelatenheid. Uit een grote, ouderwetse zinken teil trekt hij ruw een tegenstribbelend kind tevoorschijn. Het blonde meisje spartelt als een vis op het droge, zakt dan levenloos in elkaar. De wanhopige man schudt haar, draait haar in het rond. Hij zet haar neer en plukt een ander kind uit de lucht. Een choreografie tussen hen beiden ontspint zich. 

Uiteindelijk staan er drie volwassenen en vier kinderen op het podium. Ze trekken en duwen, stoten elkaar af en zoeken elkaar op. Er wordt maximaal gebruik gemaakt van alle capaciteiten en kwaliteiten van de dansers. Worsteling, dood gewicht, dans. Het krijgt en vindt allemaal zijn plek en valt samen tot een overtuigende, soms ontroerende voorstelling die de aandacht grijpt en pas na het applaus weer loslaat.

WEGGEVALLEN HOUVAST

Choreografen Joke Laureyns en Kwint Manshoven kozen als basismateriaal twee bronnen, die het wegvallen van houvast met elkaar gemeen hebben. De bewoners van een verzonken dorp in Portugal zagen hoe de huizen en straten waarin ze opgroeiden voor altijd onzichtbaar werden. De tweede bron was de fotoreeks The veils of Aleppo van Franco Pagetti. Wanneer de choreografen hem ontmoetten, sprak hij over zijn verlangen onzichtbaar te zijn toen hij de foto’s nam. ‘Dat wil natuurlijk iedere fotograaf, maar bij hem was dit verlangen ook ingegeven door het alomtegenwoordige gevaar in Aleppo’, vertelt Laureyns. ‘Hij was doodmoe van alle conflicten, confrontaties en ontmoetingen, maar tegelijk straalde hij een soort loutering uit. Hij had iets van de wereld in zich opgenomen, waartoe hij zich de rest van zijn dagen moest zien te verhouden. Dat trof me.’ Manshoven: ‘Hij maakte foto’s die getuigen van zeer moeilijke leefomstandigheden en slaagde er toch in om het te verheffen tot iets universeels, iets wat een zekere schoonheid in zich draagt. Dat dubbele sprak ons aan.’ 

Medeleven met de pijn van een ander loopt als een rode draad door de voorstelling. Dankzij de kinderen krijgt de donkerte in de voorstelling ook een lichte kant, vinden de makers. ‘De aanwezigheid van een kind heeft altijd iets troostends. Het maakt je bewust van de menselijke veerkracht.’

ZA • 16 FEB • 19.00
Invisible (+8j)
kabinet k
Zaventem, CC De Factorij, 02 307 72 72