01 nov '21

De soort genaamd mens

701
door Herman Dierickx
'Ik heb steeds meer het gevoel dat ik aan het sterfbed van een moeder zit’, omschrijft schrijver David Van Reybrouck de tanende biodiversiteit in De Standaard van 11 september.

Bij het schrijven van zijn laatste boek Revolusi over Indonesië werd hij zich er naar eigen zeggen heel bewust van dat het slecht gesteld is met de biodiversiteit. Ook als hij ziet wat de plannen zijn met de Friche, een spontaan natuurgebied op een verlaten rangeerstation van de NMBS bij hem in de buurt in Schaarbeek, waar de overheid plannen heeft voor bebouwing. ‘Mijn ontroering voor natuurschoon groeit met de jaren.

Misschien kunnen stemmen als Van Reybrouck de zaken in beweging zetten? Dat is nodig, want de jongste jaren krijgen we heel wat info over de schrikbarende achteruitgang van soorten. Het wordt zelfs al de zesde uitstervingsgolf genoemd, en die is vandaag inderdaad volop aan de gang.

Niet dat er veel mensen echt van wakker liggen, maar goed het is niks te vroeg om dat duidelijk te maken. De toestand is ernstig en eigenlijk kan iedereen die wat aandachtig rondkijkt dat vaststellen. Waar zijn de grote aantallen huismussen van weleer naartoe? Of waar vind je tegenwoordig nog een kleine vos (vlinder), ooit zowat de huismus onder de vlinders?

De afgang wordt steeds pijnlijker als je er de wetenschappelijke rapporten en conclusies op natrekt. Het is geen lectuur om vrolijk van te worden en steeds meer wetenschappers denken dat de dalende trend onomkeerbaarder wordt. Het gaat zover dat diezelfde wetenschappers zich zelfs steeds meer zorgen maken over de soort genaamd mens. Volgens hen gaat het ook met hem de verkeerde kant op, en ziet zijn toekomst er verre van rooskleurig uit. Over de natuur zelf zijn de conclusies redelijk unaniem: als we zo doorgaan met de vernietiging van vele leefgebieden is de aarde tegen 2050 meer dan de helft van haar biodiversiteit kwijt. Ga er maar aan staan.