01 okt '18

50° 55’ N
4° 26’ E

661
door Nathalie Dirix
Het Hanssenspark is een groene long vlakbij het station van Vilvoorde. Voor Sandra Crabbé is het een plek waar ze graag vertoeft tijdens haar lunchpauze. ‘In dit park voel ik me al meer dan veertig jaar thuis.’

Een warm gevoel krijgt Sandra Crabbé van het Hanssenspark. Dat heeft vooral te maken met de talrijke mooie momenten die ze er als jong meisje met haar oma beleefde. Bijna elke dag doorkruisten ze het park, op weg naar school of naar huis.

FRISSE LUCHT VOOR HET STADSMEISJE

Crabbé herinnert zich nog hoe ze als kind kon genieten om in het park, samen met haar grootmoeder, brood aan de eendjes te geven. Haar ogen verraden dat haar oma een cruciale rol in haar leven heeft gespeeld. ‘Ik ben grotendeels door mijn grootmoeder opgevoed. Ze woonde in een appartement vlakbij het park. Ze wist hoe belangrijk het voor een kind is om groen en ruimte om zich heen te hebben. We trokken dan ook regelmatig naar het park. Om wat frisse lucht op te doen en andere mensen te ontmoeten, of om wat te spelen in de speeltuin. In mijn kinderjaren bevond er zich een melkhuisje in het park. Daar dronken we af en toe iets. Bijzondere momenten waren dat. Des te meer omdat mijn oma het niet breed had. Hetzelfde gold voor mijn ouders. Hoewel ik als kind nooit iets tekort heb gehad, was ik me er goed van bewust dat het voor hen niet eenvoudig was om rond te komen. Ik heb het echter nooit als een beperking ervaren. Integendeel, het heeft me vooral geleerd elk stukje luxe te waarderen.’

ER ZIJN VOOR DE ANDERE

Ze vertelt dat het haar opvalt dat mensen vroeger makkelijker een praatje met elkaar maakten. Iedereen kende iedereen die in de buurt van het park woonde. Ze vindt het jammer dat dit niet meer zo is, maar ze voegt eraan toe: ‘Dit voorjaar vond er een foodtruckfestival plaats in het Hanssenspark. Dat was een gelegenheid om het park een nieuwe bestemming te geven en het als ontmoetingsplaats op te waarderen. Tegelijkertijd vind ik het belangrijk dat de link met het verleden bewaard blijft. Ik denk aan de treurwilg die al vele jaren gedeeltelijk in de vijver ligt. Ik hoop dat daar niet aan geraakt wordt. Die boom is zo typisch voor dit park dat je daar best niet aan tornt.’

Of ze nog met haar oma naar het park trekt om er te wandelen? ‘Mijn oma is vandaag 95 jaar. Naar het park gaan, lukt niet meer. Maar ze slaagt er nog wel in om elke dag een warme maaltijd voor zichzelf klaar te maken. Schitterend toch? Ze heeft geen gemakkelijk leven gehad. Toch is het haar telkens gelukt om moeilijke periodes door te komen. Dat inspireert me. Wist je dat ik vandaag nog steeds dingen van haar leer? Ik mag er niet aan denken dat ze er op een dag niet meer zal zijn. Ik probeer er dan ook niet bij stil te staan en haar vooral te laten weten dat ik en mijn gezin er voor haar zijn. Er zijn voor de andere, het is een van de belangrijkste waarden die ze mij heeft meegegeven.’