01 nov '13

Poulenc adement de geest
van de Parijse années folles

924
door Ingrid Laporte
Licht, burlesk, jazzy. Het oeuvre van Francis Poulenc ademt de tijdgeest van het Parijs van de jaren 1920. Vijftig jaar na zijn dood wekt hoboïst Piet Van Bockstal de componist terug tot leven.

‘Zijn muziek is uitgesproken lyrisch. De melancholische sonate opus 185 voor hobo en piano bijvoorbeeld, die zingt van het begin tot het einde. Poulenc componeerde de sonate, een beetje zijn testament, in 1963 en stierf datzelfde jaar.’ Van Bockstal is intussen al bijna dertig jaar eerste hoboïst van het Koninklijk Filharmonisch Orkest van Vlaanderen. ‘Hobo, het kleinste riet, is het meest geschikte instrument om in een orkest te spelen, want de mooiste pagina’s uit de muziekgeschiedenis zijn voor deze houtblazer geschreven. Spijtig genoeg ontbreekt het aan een goed repertorium voor solowerk bij de klassieke eersterangs componisten.’

Niet getreurd, dankzij een concert van Ars Musica, waar Anna Teresa De Keersmaeker bij was, ontstond Ictus, een internationaal befaamd ensemble voor hedendaagse muziek dat Van Bockstal mee oprichtte. Met dansgroep Rosas realiseerden ze tientallen producties. Ook met kamermuziekensemble Oxalys speelt Van Bockstal op binnenlandse en buitenlandse podia. Hij is een bezige muzikale bij die graag tijd maakt om mensen naar de concertzaal te krijgen. ‘De dialoog met het publiek is essentieel. Meer plaats maken voor diepgang en een vollediger beeld geven dan wat iedereen op wikipedia kan lezen, daarin moet je mijn lezing-concertreeks over Poulenc kaderen’.

‘Poulenc schreef niet gigantisch veel, maar zijn oeuvre was heel consequent. Het allerbeste zijn ongetwijfeld zijn liederen en koormuziek. Op nummer twee zet ik zijn inventieve en verfijnde kamermuziek. Hij legde er zijn hart en ziel in en wist als geen ander de essentie van blaasinstrumenten te vatten.’ Over zijn plaats in de muziek van de 20e eeuw schreef Poulenc in 1942 in een brief: Ik weet maar al te goed dat ik niet tot de componisten behoor die harmonische vernieuwingen doorvoeren, zoals Stravinsky, Ravel of Debussy, maar ik geloof dat er plaats is voor nieuwe muziek die geen rekening houdt met andermans akkoorden. Et alors?, moet Poulenc gedacht hebben. Als alle mooie akkoorden al geschreven zijn, waarom zou ik het dan opnieuw doen? Laat mij ze in een eigen taal gieten, in een nieuwe eenvoud.’

'Diepgang en een vollediger beeld dan wat je op wikipedia kunt lezen, daarin kadert mijn lezing-concertreeks over Poulenc’

Op 14 november leert geboren verteller Van Bockstal ons meer over de fameuze Groupe des Six. ‘Een informeel gezelschap jonge Franse componisten - Arthur Honegger, Darius Milhaud, Georges Auric, Louis Durey, Germaine Tailleferre en Poulenc - uit het interbellum die zich verbonden voelden met de stroming van l’art pour l’art, met de surrealisten Jean Cocteau en Paul Eluard. Ze maakten nieuwe, speelse, humoristische en eenvoudige muziek, ver weg van een Debussy of de romantische Wagner. Van de zes, die nooit een eenheid gevormd hebben, beantwoorde Poulencs muziek het beste aan deze basisprincipes.’

‘Intrigerend om weten is dat Poulenc, die het fortuin van thuis mee had (zijn familie is betrokken bij het pharmaceutische bedrijf Rhône-Poulenc, n.v.d.r.), wel worstelde met het leven. Naast de luchthartigheid van de bon vivant was hij ook zeer vroom en schreef veel religieus, zwaarder werk. Een schijnbare tegenstelling? Of misschien de manier om een houvast te vinden voor zijn homoseksualiteit?’ 
Verder analyseert Van Bockstal meer in detail Poulecs sonate opus 185 die hij daarna met pianist Yutaka Oya uitvoert. ‘Zo raakt de zaal vertrouwd met de muzikale thema’s die in de sonate voorkomen. Oya en ik besloten om integraal, alle kamermuziek die Poulenc ooit voor hobo en piano schreef, te brengen. Om zijn tien stukken niet na elkaar te spelen, confronteren we ze telkens met werk van een ander lid van Les Six. Zo ontstaat een mooi totaalbeeld. Je mag je onder andere verwachten aan het bekende sextet van Poulenc, een echte kaskraker of aan de intimistische en briljante rapsodie van Arthur Honegger.’
Om de twee topmuzikanten aan het werk te zien, maar ook het Vlaams Radio Koor met popzangers Dani Klein of de Belgische kamerfilharmonie van Ben Haemouts, het pianoduo Mephisto en nog meer jonge muzikanten is deze concertcyclus over Poulenc de ideale manier. Bovendien pik je de sfeer van de Franse années folles mee.