01 apr '22

Alsof ik er ben

612
door Ingrid Laporte
'Slowly, what was once an imaginary world, bulging in my mind like a cloudy dream, started to fall apart into settings I could touch and look at' lees je onder de imposante houtskooltekening van een in schaduw gehuld schip dat de golven doorklieft. Een credo?

Of hij nu voor een boot, trein of auto kiest, de innerlijke reizen van Rinus Van de Velde beginnen daar waar de realiteit het laat afweten. Ze fascineren. Niet in het minst door een doordacht spel van alter ego’s die zijn fictieve autobiografie in scène zetten. ‘I contain multitudes,’ citeert Van de Velde de dichter Walt Whitman. ‘Mijn werk wordt gekarakteriseerd door een gebrek aan authenticiteit. Het gaat over versplintering, over alle mogelijke Rinussen die mijn gedroomde plastische avonturen beleven.’ Een exploratie die steeds verder doorwoekert in een veelheid van kunstdisciplines, in houtskool of kleurpastels, 3D-decors van berglandschappen of op de zeebodem, surreële films of nog, geschilderde keramieken miniatuursculpturen.

‘De grenzen waar ik op bots, bepalen net wat ik doe. Als ik een hele goede expo van iemand anders zie, zoals die van Alice Neel… Ze schilderde waanzinnige portretten van familie, vrienden en onbekenden in haar New Yorkse appartement, pure schoonheid. Dan wil ik mijn atelier leeggooien, helemaal opnieuw beginnen en ook zoiets doen. Maar ik ben geen Neel. Dus creëer ik een alter ego, en doe alsof ik die expressionistische portretten aan het tekenen ben. Met Claude Monet gebeurt hetzelfde. Als ik naar zijn waterlelies (Les Nymphéas) kijk, voel ik een diep verlangen om plein-airist te worden, om in een weelderige tuin zoals de zijne in Giverny te werken. Dat frustreert me onmiddellijk, want het is onmogelijk.’ Gelukkig kent ongetemde verbeelding geen grenzen. Van de Velde wordt de imaginaire tuinman die onder zijn versie van de waterlelies in oliepastel schrijft during my working hours as a gardener, when nobody was looking, I made quick sketches of his paradise.

Afstand nemen

Hoe hij de beelden waarmee hij in dialoog gaat, selecteert? ‘Moeilijk uit te leggen. Da’s een van de weinige dingen die bij mij niet analytisch maar intuïtief gebeuren. Ik kies zeker niet de allerbekendste schilderijen omdat die niet langer open zijn voor interpretatie. De strategie om er tekst bij te schrijven werkt dan niet meer. Mijn generatie is de eerste die opgroeide in een razendsnelle, hapklare beeldcultuur. Online vind je alledaagse familiefoto’s naast historische meesterwerken. Beelden zijn minder heilig geworden. Ik kan ze actief benaderen en inpassen in mijn eigen narratief. En ja, er speelt zeker een vorm van appropriation – je geliefde werken eigen maken, ze nabootsen om ervan te leren.’

It’s just something to do.

Iets maken en daar je dagen mee vullen.’

In eenzelfde beweging demystifieert Van de Velde Hockey, de Kooning, Beuys en vele anderen. Hij spreekt de schilders in tekstflarden vriendschappelijk aan met hun voornaam of laat ze terugkeren als naïeve, keramieken figuurtjes in buitenproportionele asbakken. ‘In het atelier werd veel gerookt. De asbakken waren eerst puur functioneel. Ik ben beeldhouwer van opleiding, en had impulsief een oven gekocht. Toen het hier volstond met een 50-tal exemplaren wou ik ze ook tonen. Met hun verhoogde randen vormen ze mooi afgebakende microkosmossen. Interessant ook hoe het leven en de kunst elkaar beïnvloeden. Intussen ben ik wel gestopt met roken.’ De zelfrelativering is nooit veraf. In een asbak mijmert een Pingu-achtige Monet vanop een bruggetje over de kleurenpracht van zijn waterlelievijver. Een subjectieve, speelse leugen. Biografieën en reisverhalen van kunstenaars zijn zowel vertrekpunt als bindmiddel in Van de Veldes’ oeuvre. ‘Als je er veel leest, lijken die er zó over. Het echte leven is anders. Ik maak van mezelf ook een personage in een decor, en dan zou het heel raar zijn om dat bloedserieus en zonder afstand te doen.’

Doorlopend experiment

Op de muren van het atelier hangen, net zoals in Bozar, gesatureerde tekeningen die heel dicht aanleunen bij de schilderkunst in clusters bijeen. Hij confronteert ze graag met elkaar. De lijnvoering verraadt de snelheid waarmee hij werkt. In twee grote houten kasten zijn oliepastels van Sennelier netjes gerangschikt, om nooit tijd te verliezen met het zoeken naar een kleurnuance. Of zijn relatie tot kleur veranderd is? ‘Vroeger dacht ik hard na over het uitdiepen van één medium. De schoonheid zat ‘m erin om daar meesterschap over te krijgen. Monochrome houtskooltekeningen pasten goed bij het idee van herinneringen aan mijn niet-geleefde levens. Tot dat toch te beperkend werd. Ik heb lang gezocht naar een tweede, nieuwe manier. Er is veel en moeizaam geëxperimenteer met olieverf aan voorafgegaan om uiteindelijk, na 10 jaar, uit te komen bij oliepastels. Je botst zelden op een techniek die vlot werkt en genoeg potentie heeft. En er is maar één regel: het is een gevoelskwestie, ik moet er liefst dagelijks plezier aan beleven. Franz West zei over kunst: it’s just something to do. Iets maken en daar je dagen mee vullen, ik zou het niet anders willen, zo ben ik het allergelukkigst.’

‘Terwijl we praten vraag ik me af wat het werk achter je in het supergroot zou geven.’ Opvallend genoeg een abstract expressionistische tekening. ‘Vroeger geloofde ik meer in het figuratief afbeelden van mijn verzonnen autobiografie, nu denk ik: abstract kan ook, een alter ego kan zoiets maken. Ik onderdruk het minder. Zo ook met naïevere beelden. Mijn collectie thuis bestaat uit zo’n werk, van Armen Eloyan of Tobias Pils. Tegenpolen intrigeren me het meest, als een soort grens omdat ik ze niet begrijp, of omdat ze zo ver van me afstaan.’

Van de Velde’s expo opent met het aliënerende beeld van een diep onder de zeespiegel ronddwalende man met karikaturaal Rinus-masker. Gaandeweg word je in dat hoofd getrokken. Na de film La ruta natural die als een loop leest, kom je er zelfs letterlijk in terecht. De immersie lijkt compleet. ‘Een loop, ja, zoals mijn tijd in het atelier dat is. Maar je kan er wel uit, die vrijheid moet er zijn.’

TOT 15 MEI
Rinus Van de Velde. Inner Travels
Brussel, Bozar, www.bozar.be