01 dec '17

Verbinding maken

84
door Karla Goetvinck
Verbinding creëren vanuit de ervaringen die mensen delen. Gedeelde verhalen schrijven. Praten over wat anders is, en onze verwachtingen duidelijk stellen en uitleggen, maar niet polariseren. Het is de droom van Saïda Sakali.

‘Ik ben geboren en getogen in Leuven. Op mijn achttiende ben ik richting Pajottenland verhuisd en sinds 2001 woon ik in Dilbeek. Ik heb in Brussel gestudeerd en sindsdien gewerkt. Wat me opvalt, is de spanning in de relatie tussen stad en Rand.’

‘Ik voel de angst in de Rand: wat als de dingen die niet zo goed lopen in Brussel naar hier overwaaien? En eerlijk: ik voel die ook. Ik kan mijn kinderen met een gerust hart zelfstandig naar de kunstacademie of de jeugdbeweging laten gaan. Ik hoor dat Brusselse vrienden noodgedwongen chauffeur moeten spelen.’

‘Maar je mag niet vanuit die angst redeneren. De nabijheid van de stad is ook een troef, kijk alleen al hoeveel bewoners uit de Rand er werken. We kunnen de grootstad niet verplaatsen, we kunnen er geen muur rond bouwen. We hebben er alle belang bij om een goed nabuurschap na te streven. Maar hoe bouw je dat op met een stad die zo snel evolueert?’

MEERTALIGHEID

‘De meertaligheid in Brussel is een troef. Ik vind het positief dat we de eerste buur zijn van een stad met zo veel culturen en talen. Ook de aanwezigheid van de Europese en andere internationale instellingen is iets wat vele landen ons benijden. Als je als individu niet meertalig bent, ben je benadeeld.’

‘We komen elkaar tegen, maar we maken onvoldoende connectie.’

‘Brusselse werkgevers verwachten dat werknemers Frans én Nederlands én Engels kennen. Dat iemand bijvoorbeeld in het Nederlands schoolloopt en thuis een andere taal spreekt, is niet negatief. Op voorwaarde dat er voldoende taalrijkheid is in de moedertaal en dat is niet per definitie het geval.’

‘Ik vind het evident dat je de taal leert van de regio waar je woont en in de Rand is dat het Nederlands. Voor mij is dat geen strijd, dat is een evidentie. Al is het maar opdat je kunt dialogeren met elkaar. Dat je minder op je eiland zit, dat je letterlijk verbinding kunt maken.’

EXPLICITEREN

‘We moeten onze verwachtingen als samenleving meer verduidelijken, onze ideeën over vrijheid en gelijkheid expliciteren. We verwachten dat nieuwkomers op eigen benen staan en zich opwerken, maar hun tradities, familiale verplichtingen, religieuze remmingen, en ook onze oude vormen en gedachten, staan soms in de weg.’

‘Ik ben voorstander van heldere en duidelijke boodschappen. Kom je in de Rand, dan ben je welkom, maar er zijn een aantal zaken die je moet weten. Die boodschap moeten we met één stem verkondigen. We moeten ook het waarom uitleggen. Gisteren ging ik naar het oudercontact op de school van mijn zoon. Omdat ik hun achtergrond deel, komen anderstalige ouders me vaak vinden. Wat is dat hier en waarom verwachten ze dat?’

‘Bijvoorbeeld het belang dat bij ons op school gehecht wordt aan buitenschoolse activiteiten in het Nederlands. Als je niet uitlegt waarom de school zulke regels stelt, dan is de automatische reflex van veel ouders: ze discrimineren. Ik leg dan uit dat dat niet het geval is, dat het in het belang van hun kind is. Zijn slaagkans zal veel groter zijn. En als je dat vooropstelt, als je dat duidelijk kunt maken aan die ouders, dan zullen ze daar wel in meegaan.’ 

‘De ouders moeten ook een handelingsperspectief krijgen. Ik geloof in een verhaal van wederkerigheid: je kind gaat hier naar school, dan mogen wij verwachten dat je het kan opvolgen en begeleiden bij zijn huiswerk. En als je dat niet kan: we hebben een taalaanbod en we nodigen jou daarvoor uit. Geen verplichtend verhaal, maar een positief, emanciperend, activerend verhaal. Gras groeit niet door er aan te trekken.’

‘In tijden van globalisering en migratie, zijn genuanceerde en gedeelde verhalen hard nodig.’

‘Ik geloof heel erg in initiatieven als Pomato (Positieve Mama’s van de Toekomst) in Vilvoorde, een kinderopvangproject vanuit het OCMW voor de groeiende groep van alleenstaande moeders zonder werk. Die moeders krijgen er kinderopvang, taalondersteuning voor moeder en kind, opvoedingsondersteuning, begeleiding naar werk. Nederlands moet je niet verkopen vanuit een idee van ‘we moeten die taal bewaren’, maar vanuit de troef die de taal betekent in het onderwijs en op de arbeidsmarkt. Bovendien is het een taal om te koesteren.’

WAT HOUDT ONS BEZIG?

‘Een identiteit is een patchwork: ik voel me Vlaming én van Marokkaanse afkomst én vrouw én moeder. Er zijn genoeg rollen waarin we elkaar kunnen vinden.’

‘Vorige week heb ik een gezelschap van 30 Vlaamse vrouwen, vooral bedrijfsleidsters, begeleid op een reis naar Marokko. Ik vroeg hen om als voorbereiding Het dakterras te lezen, een boek van de Marokkaanse feministe Fatima Mernissi, die voor mij een grote inspiratie is.’

‘We bezochten veel culturele initiatieven, maar we hebben ook veel gepraat met lokale vrouwen. Een berggids bijvoorbeeld, een meertalige moslima die in Nike-tenue trektochten begeleidt door het Atlasgebergte. De inkomsten investeert ze in haar dorp. Dat duurzaam model van ondernemerschap was heel inspirerend.’

‘Of een professor aan de universiteit van Rabat, een alleenstaande moeder met twee kinderen, die de combinatie arbeid-gezin even moeilijk vindt als sommige Vlaamse vrouwen. Dat gevoel van herkenning wil ik ook hier creëren. We komen elkaar tegen in publieke ruimtes, maar we maken onvoldoende connectie. We moeten angsten wegnemen, bruggen bouwen.’

GEDEELD NARRATIEF

‘We hebben dringend meer mensen nodig om die rol op te nemen. Ieder binnen zijn eigen gemeenschap, dat werkt niet. Doorprik de tegenstellingen, bekijk iemand niet louter vanuit één aspect van zijn identiteit, er is zo veel meer dat iemand maakt tot wat hij is.’

‘Ik vind dat de media daar ook een verantwoordelijkheid in hebben. Een genuanceerd verhaal wordt zelden opgepikt. In het voorjaar heb ik in Brussel een groot muziekspektakel georganiseerd met een expliciet verbindende boodschap, na de aanslagen van een jaar eerder. Maar toen we met de deelnemende actoren en artiesten (o.a. Els De Schepper, Will Tura en Mohamed El Bachiri) een opiniestuk schreven, bleek dat niet polariserend genoeg voor publicatie.’

‘Ook de media hebben een verantwoordelijkheid. Een genuanceerd verhaal wordt zelden opgepikt.’

‘We moeten over de spanningen praten, als we dat niet doen, kunnen we elkaar ook niet begrijpen. Maar we moeten toch niet de arena in, zoals in het oude Rome? Dan trekt de stille meerderheid zich terug en regeren de angstgevoelens, zowel bij de doorsnee huis-tuin- en keukenmoslims als bij de Vlamingen. In onze snel veranderende context, in deze tijden van globalisering en migratie, zijn genuanceerde en gedeelde verhalen heel hard nodig.’ 

‘Cultuur kan daarbij helpen. Bij deSingel hebben we een traject opgezet rond participatie en diversiteit, gewoon omdat we zagen dat onze zalen steeds volzaten met een ouder publiek. Als we aansluiting willen bij jongeren van allerlei slag, dan gaan we ook andere dingen moeten programmeren.’

‘Ik ga dit weekend naar Ethno Tendance, een driedaags etnisch cultuurfestival in Brussel. Alleen zijn dat allemaal gekleurde mensen, daar komen amper programmators van witte culturele centra. Omwille van zijn beperkte middelen heeft Ethno Tendance moeite om een zaal te vinden. Ik vind dat ze eigenlijk terecht zouden moeten kunnen in onze culturele centra.’

INHAALMANOEUVRE

‘Ik kom uit Leuven, maar ik vind dat we hier aan de rand van de grootstad toch andere katten te geselen hebben. Onze beleidsmakers moeten er voldoende bewust van zijn dat de Vlaamse Rand voor extra uitdagingen staat: in het onderwijs, op de arbeidsmarkt, op het vlak van mobiliteit.’

‘We kunnen als Rand iets voor de rest van Vlaanderen betekenen. Als buur van een grootstad kunnen we vanop de eerste rij de potentie zien. We krijgen een blik op de wereld. Het kan een positief verhaal worden. We moeten echter de mogelijkheden krijgen om dat te kunnen waarmaken. Als we niet genoeg proactief optreden, wordt dit een verliesverhaal. Maar dat weiger ik te geloven.’


SAÏDA SAKALI

  • Geboren en getogen in Leuven op 8 oktober 1973
  • Herkomst: Marokkaanse van tweede generatie
  • Woont sinds 2001 in Dilbeek 
  • Opleiding: Politieke en sociale wetenschappen aan de VUB
  • Engagement: Raad van Beheer deSingel, deBuren, Het huis van Herman Teirlinck, mede-initiatiefneemster voor de Fatima Mernissi Leerstoel aan de VUB
  • Professioneel: adviseur op het kabinet van Frank Vandenbroucke, Koning Boudewijnstichting

REAGEREN

Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels.