01 sep '18

Annelies Verbeke
is klaar met Jezus

816
door Lene Van Langenhove
CC Westrand nodigt schrijfster Annelies Verbeke uit voor een literaire lezing. Haar boek Dertig dagen werd bekroond met drie prijzen en ook opvolger Halleluja valt in de smaak. Haar werk roept vragen op zonder eenduidige antwoorden te geven. Een tikje bevreemdend, net als in het echte leven.

De rode draad door verhalenbundel Halleluja is ‘begin en einde’. De eerste verteller is een pasgeboren baby en je eindigt met een hoogbejaarde vrouw. Houdt onze eindigheid jou bezig?

‘Al de verhalen gaan over eindpunten, over mensen die opnieuw moeten beginnen, die verlangen naar catharsis. Al gaat Halleluja misschien nog meer over mijn persoonlijke midlifecrisis. De verhalen hebben altijd iets gemeenschappelijk. De baby kan bijvoorbeeld in de toekomst kijken, de oude vrouw leeft in haar herinneringen. Daartussen zitten nog heel wat minder opvallende dingen die elkaar weerspiegelen.’

Elk personage wil met een schone lei beginnen, maar het loopt niet zoals verhoopt.

‘Ik denk dat mensen zich vaak schaden door het verlangen naar iets nieuws, uiteindelijk neem je altijd je bagage mee. Zelf tracht ik eerder het plezier te vinden in wat er al is. Over het algemeen is dat een gezondere houding, tenzij je echt in een slechte situatie zit, dan moet je opnieuw beginnen.’

Wat trekt je zo aan in het genre van het kort verhaal?

‘Korte verhalen hebben een grote intensiteit. Ik hou van korte verhalen die om een bepaalde reden gebundeld staan, liefst met een overkoepelend thema. In een bundel kan je op verschillende manieren naar een thema kijken, dat werkt bevrijdend. Aan een roman schrijf je toch een jaar of twee, je slaat een bepaalde weg in en die moet je blijven bewandelen. Ook op vormelijk gebied voel ik me vrijer. Een verhaal in jij-vorm of briefvorm is gewaagd voor een roman, maar werkt perfect voor een kortverhaal.’

Je roman Dertig dagen heeft een atypisch hoofdpersonage. Waarom wou je het hebben over een intrinsiek goede mens?

‘Alphonse, de hoofdpersoon, is iemand die tevreden is. Hij heeft ontdekt dat het hem ligt om mensen te helpen en hij voelt zich daar goed bij. Ik wilde een niet-moraliserend boek over goedheid schrijven. Een hoofdpersonage dat eigenlijk content is, daar zijn weinig voorbeelden van in de wereldliteratuur. En ik wilde er ook geen idioot van maken. Gaandeweg begreep ik waarom er zo weinig voorbeelden van zijn: je hebt geen natuurlijke spanningsboog. Je vraagt je als lezer niet af of het hoofdpersonage zijn problemen te boven zal komen of hij zal vinden wat hij verlangt, want hij verlangt niets. Maar er sloop wel een soort externe spanning in het boek, je hebt het gevoel dat dit niet kan blijven duren. Het leven ís niet zo vriendelijk, als het niet vanuit jezelf ontploft zullen de anderen er wel voor zorgen.’

Dat maakt het zo herkenbaar, wellicht.

‘Ja, toen ik aan het schrijven was had ik geen idee hoe het zou resoneren, maar het boek slaat aan en ik krijg veel emotionele reacties van lezers. Sommigen hebben de van in het begin voorbereide spanning niet opgepikt, al komt de dood veelvuldig aan bod. Zij zien het als een heel optimistisch boek en krijgen op het einde zo’n schok, wanneer Alphonse lijkt te zijn gestraft voor zijn goedheid. Ik wilde enkel zeggen dat iemand die goed doet voor anderen helaas niet gevrijwaard is van ongeluk en vernieling. Het hoofdpersonage is opnieuw een jezusfiguur, al de derde in mijn werk, dat einde had ik al bij aanvang in mijn hoofd en daar schreef ik naartoe. Maar nu ben ik wel klaar met Jezus!’

Je beschrijft wat onder de oppervlakte aanwezig is, maar wel doorwerkt in het dagelijkse leven.

‘Klopt, doorheen mijn oeuvre stel ik me steeds de vraag: wat is de werkelijkheid, en wie bepaalt dat? Eigenlijk leven we allemaal in ficties, we maken voortdurend ons eigen verhaal. We zien een andere realiteit dan de rest, anders zouden er geen politieke partijen zijn. Mensen hebben een verschillende blik op de werkelijkheid, soms vanuit opportunisme maar soms ook omdat zij het echt geloven. Hoe ze in conflict komen met elkaar en welke machtsverhoudingen er vervolgens bepalen welke draai het debat neemt, dat interesseert me mateloos.’

Jouw werk wordt steevast omschreven als realistisch en toch bevreemdend, ernstig en grappig. Is humor jouw belangrijkste wapen?

‘Ja, het is een manier om met de dingen om te gaan. Humor hoort bij mijn toon en dat is ook hoe ik in het leven sta. Ik heb moeite met zware onderwerpen die ook nog eens zwaar zijn neergezet. Vaak voel je de pijn net meer door het lichter te maken. Maar soms wil ik ook wel voorbij de ironie en oprecht over iets kunnen praten.’

WIN
Wie de facebookpagina van RandKrant liket en in pb zijn adres doorgeeft, kan Halleluja van Annelies Verbeke winnen. We geven er drie weg!