01 jun '23

Schrik van de redelijkheid

5494
door Liesbeth Bernolet
‘Wij willen niet dat de luchthaven verdwijnt, want het economische belang is uiteraard onmiskenbaar. Wel willen we dat de lasten gespreid worden en de aanwezigheid van de luchthaven draagbaar is voor iedereen.’ Dat zegt Walter Vansteenkiste van het Platform Luchthavenregio.

Als burgemeester van Wemmel ijvert Vansteenkiste voor het welzijn van zijn inwoners, als voorzitter van het platform kijkt hij door een brede bril naar de omgeving van de luchthaven. Het Platform Luchthavenregio werd opgericht in 2017 als tijdelijke overlegstructuur en verenigt de standpunten van de gemeenten in de Noordrand, de Oostrand en de gemeenten rond Leuven die getroffen worden door de vliegroute Leuven Rechtdoor. Ook de provincie Vlaams-Brabant heeft een stem in het platform.

Zes jaar later zijn een aantal vliegroutes veranderd en wordt de ene regio meer overvlogen dan de andere, maar de deelnemers aan het Platform blijven solidair wanneer ze hun grieven over de overlast door vliegtuigen op tafel leggen. ‘Ook al denken de burgemeesters uit de Noordrand anders over de luchthaven dan die in de Oostrand of rond Leuven, we kijken naar wat ons verenigt en schuiven op basis daarvan een aantal basisprincipes naar voren’, merkt Vansteenkiste op.

Te veel belangen

Voor de vertegenwoordigers van het Platform Luchthavenregio is het duidelijk: centraliseer alles wat te maken heeft met de luchthaven. ‘Vergelijk het met een chef-kok die de heerlijkste ingrediënten in huis heeft om een geweldige soep te maken’, legt Vansteenkiste uit. ‘Breng je die ingrediënten uit balans of gebruik je iets te veel zout, dan is er geen sprake meer van een lekkere soep. Dat geldt ook voor de luchthaven. Er zijn te veel belanghebbenden met elk hun eigen agenda.’

Vansteenkiste verwijst naar het commerciële belang dat Brussels Airport heeft voor haar investeerders, het economische belang van de luchthaven voor Vlaanderen en het welzijn van hun inwoners voor de lokale besturen. Bovendien is er ook nog eens de Belgische staatsstructuur waardoor een vliegwet federaal is, maar Vlaanderen wel verantwoordelijk is voor de omgevingsvergunning van de luchthaven. Om nog niet te spreken over het Brussels Gewest dat haar eigen geluidsnormen uitvaardigde. ‘In dit dossier kiest iedereen voor zijn eigen belang en schuift dat als prioriteit naar voren. Dat moet anders. Je kan geen lekkere soep maken als iedereen alleen aan zijn eigen ingrediënt vasthoudt. Alles moet in balans worden gebracht. Daarvoor is er een centraal gezag nodig.’

Belangen samenbrengen

Volgens Vansteenkiste is dat ook wat studiebureaus tot in den treure toe concluderen: laat de werking van een luchthaven over aan technici en experten en vermijd elke politieke inmenging. ‘Er moet een vorm komen die alle belangen samenbrengt en zo een oplossing vindt. Want elke belanghebbende die een studie bestelt, krijgt een oplossing aangereikt in functie van diens belang. Zo doe je aan cherry picking. Iedereen plaatst vanalles tegenover elkaar, maar niemand is volledig. Daarom zeggen wij als Platform Luchthavenregio: wees objectief. Weeg eerst alles af in functie van de veiligheid, plaats daar het economische belang naast en zorg vervolgens voor een evenwichtige spreiding van de vluchten.’

Intussen is slechts één speler gebaat bij de versnipperde belangen en regelgeving, vindt Vansteenkiste, en dat is de uitbater van Brussels Airport. ‘Dat maakt mij lastig, want de uitbater denkt in eerste instantie aan zijn aandeelhouders, niet aan de omwonenden. Doordat de regelgeving flou is, is Zaventem een aantrekkelijke luchthaven. Kijk naar de nachtvluchten: elders mag het niet, dus komen ze naar hier. Ik ken geen enkel dossier waar zoveel achterpoortjes zijn. Het zijn bijna draaideuren.’

Vlaanderen kan heel wat bepalen

Dat er nog altijd geen nieuwe federale vliegwet is, bevordert de zaak niet. Al begrijpt de voorzitter van het Platform Luchthavenregio de besluiteloosheid van de federale regering. ‘De regering moet rekening houden met alle overheden die voor zichzelf rijden en dat is een kluwen. Maar wat ik niet begrijp, is dat men niet vertrekt vanuit de grondwettelijke principes waarbij elke burger gelijk is.’ Vansteenkiste verwijst opnieuw naar het Brussels Gewest dat eigen geluidsnormen hanteert en daardoor minder overvlogen wordt. ‘Is de gezondheid van een Brusselaar dan meer waard dan die van een inwoner van de Vlaamse Rand?’

Intussen moet ook Vlaanderen haar cruciale verantwoordelijkheid opnemen, vindt Vansteenkiste. Zeker nu Brussels Airport tegen 1 juli 2024 een nieuwe omgevingsvergunning nodig heeft van de Vlaamse regering. ‘Vlaanderen kan in die vergunning onder andere bepalen hoe vaak haar grondgebied overvlogen mag worden en kan het aantal nachtvluchten aan banden leggen. Eigenlijk heeft Vlaanderen heel wat mogelijkheden om via de omgevingsvergunning de uitbating van de luchthaven aan te sturen. De federale vliegwet bepaalt alleen wat er in de lucht gebeurt, niet wat hoorbaar is op de grond. Maar ja, dan komt daar het economische belang van de luchthaven weer piepen.’

Welzijn van de inwoners

Dat de luchthaven in Zaventem belangrijk is voor de Vlaamse economie en daarom ook groeiplannen heeft, beseft Vansteenkiste maar al te goed. Maar hij ligt ook wakker van het welzijn van de inwoners van de Vlaamse Rand en bij uitbreiding Vlaams-Brabant. ‘Net daarom is er een objectieve regelgeving nodig. Het economische belang van de luchthaven hoeft niet ten koste te gaan van het welzijn en omgekeerd. Er moet gewoon een betere spreiding zijn.’ Als voorbeeld haalt Vansteenkiste zijn eigen gemeente Wemmel aan. ‘Als burgemeester kan ik er perfect mee leven dat onze inwoners één keer per nacht wakker worden door een vliegtuig. Dan primeert het economische belang van de luchthaven. Maar als ze tien keer wakker worden, schaadt dat hun gezondheid en ga ik niet akkoord.’

Weeg eerst alles af in functie van de veiligheid, plaats daar het economische belang naast en zorg vervolgens voor een evenwichtige spreiding van de vluchten.

Behalve de spreiding van vluchten heerst er bij het Platform Luchthavenregio nog een bezorgdheid: de mobiliteit op de grond. ‘Daar wordt met geen woord over gerept, terwijl ook die activiteiten goed gespreid moeten worden.’ Vansteenkiste heeft het vooral over het vrachtvervoer. ‘Mits wat aanpassingen is de infrastructuur erop voorzien, maar het is onduidelijk of de luchthaven ook inzet op parkeerplaatsen voor vrachtwagens. Cargovil staat vol trucks die op hun beurt wachten om naar de luchthaven te rijden. Ook Vilvoorde en Machelen staan vol geparkeerde vrachtwagens. Brussels Airport past de mobiliteit aan hun doelen aan, terwijl wij vragen om de doelen aan te passen aan de mobiliteit.’

Het Platform Luchthavenregio was bij de lancering in 2017 bedoeld als tijdelijk initiatief, maar zes jaar later bestaat het nog en blijven de lokale besturen op tafel kloppen. ‘Zolang er geen federale vliegwet is en het Brussels Gewest haar eigen normen hanteert, blijven we actief. Worden we gehoord door de hogere overheden? Ja, maar voorlopig komt er geen reactie. Daarvoor zijn onze vragen te redelijk en van redelijkheid heeft men duidelijk schrik in dit dossier.’