01 nov '15

Een man met een missie

2245
door Patrick Gijssels
Hij vertrekt om 9.30 uur in Vossem, en start met praten om 10 uur in Heverlee, aan de KH Leuven. ‘Pesten beperken tot een relatie tussen pestkop en slachtoffer is te statisch.’

Het belang van de groep werd lang onderschat. Wetenschappelijk onderzoek toont het aan: de groep is de voedingsbodem voor pestgedrag’, vertelt Gie Deboutte aan twee pedagogen. Hij legt uit wat het Finse antipestpakket KiVa inhoudt. KiVa is een Europese topper als methode tegen pesten op school. In Nederland passen 250 scholen het toe, in Vlaanderen starten 23 basisscholen.

‘Als ik voor een groep leraars sta, vraag ik wie ooit méér dan een halve dag opleiding kreeg over pesten’, zegt Deboutte. ‘Zelden gaan er handen in de lucht. Terwijl pesten de belangrijkste reden is om je niet goed te voelen op school. Met grote gevolgen, ook voorbij de schooltijd.’

OPVOEDEN EN ZORG DRAGEN

‘Ook als ouders en school ‘nee’ zeggen tegen pesten, blijft pestgedrag bestaan. Er is meer nodig dan vertellen wat er in een boekje staat. Het is een mind-set.’ Deboutte legt de dikke KiVa-map op tafel en de bijhorende game, panklaar aangepast aan de Vlaamse eindtermen, voor de zes leerjaren van het lager onderwijs. ‘Het vraagt inzet van leraars, leerlingen en ook van de ouders, maar de resultaten mogen er zijn. Het pestgedrag daalt en iedereen versterkt zijn of haar sociale vaardigheden.’

'In scholen die inzetten op sociale vaardigheden en welbevinden stijgen de leerresultaten met gemiddeld 10%.'

‘Sommige leraars kennen hun eigen impact niet. ‘Je gaat van je kind een watje maken!’, ‘Heb je je eigen kind al bezig gezien?’ Dat zijn zinnen uit onmacht. Daarmee voeden ze pestgedrag zonder dat ze het zelf beseffen. Sommige scholen zijn enkel bezig met kennisoverdracht, niet met welbevinden. Heel spijtig en moeilijk te begrijpen.

Leraar zijn, gaat om educatie. Opvoeden en zorg dragen zijn essentiële bestanddelen. In scholen die inzetten op sociale vaardigheden en welbevinden stijgen de leerresultaten met gemiddeld 10%. Voor alle leerlingen!’

BEWUST ZIJN VAN DE IMPACT

Een van de pedagogen vertelt dat een meisje van 7 jaar deze week thuiskwam en vroeg: ‘Mama, ben ik wel een godsgeschenk?’ De juf had verteld dat dit enkel geldt voor wie gedoopt is. Het kind was in de war over zichzelf, maar ook over haar ouders die haar niet lieten dopen.

Gelukkig stond het meisje niet alleen. De meerderheid van de klas was niet gedoopt. De verontwaardiging is groot. De andere pedagoge: ‘Leraars moeten kunnen reflecteren over zichzelf, bewust zijn van hun impact. Dat willen wij hen leren, niet met een moduleke kansarmoede of een boekje, nee, het moet tot in hun nerven doordringen, vanaf het eerste jaar opleiding.’

INZET IS NODIG

Leuven, 12.30 uur. Snel iets eten. Een half uur later zitten we aan een eikenhouten tafel in het Heilige Drievuldigheidscollege met de directeur en vier leraars. Deboutte klapt de laptop open en start STIPP, Sterk in Pest Preventie, zijn eigen programma. Hij maakt hiervoor geen reclame, de scholen zoeken hem zelf op.

De directeur fronst de wenkbrauwen. Pesten is duur. Relaties lijden eronder. Fysieke en psychische problemen ontstaan en blijven bestaan. Deboutte legt zijn plan voor. ‘De inzet van de hele school is nodig.’ Dat engagement krijgt hij.

Leuven, Hooverplein, 14.30 uur. Deboutte was vroeger praktijklector aan de faculteit Criminologie. Hij gaf de functie op bij gebrek aan tijd, maar niet de inhoud of de collega’s. Als vrijwilliger overlegt hij in café Commerce met twee jonge onderzoekers hoe ze samen de les van vorig jaar zullen aanpassen, een werkcollege over beeldvorming. ‘We kunnen opnieuw starten met dat artikel over jongeren van De Morgen. We vragen of dat beeld over hen klopt, wat dat met hen doet. We laten hen nadien over dat beeld een opiniestuk schrijven, een reflectie op zichzelf. Daarna hetzelfde in verband met beeldvorming over Syriëstrijders.’

Thuis om 17 uur. Een dag van 7 uur praten en luisteren, voorbereiding niet inbegrepen. Heb je nog tijd voor wat anders? ‘Het is veel werk, maar het voelt niet als werken. Eerlijk gezegd zal ik ook de volgende twee maanden in het weekend geen tijd hebben voor wat anders. Ik werk eraan’, zegt hij met een knipoog.