01 mei '18

Spelen
met de wind

429
door Tine De Wilde
Bedrijvigheid op het terrein: ballon uitleggen, branders en mand aankoppelen, gascilinders inladen, uitwegen, passagiers briefen en dan: ‘Alles los’, de lucht in.

Daar, in de lucht, zijn François Schaut en kleinzoon David Robberechts uit Hamme (Merchtem) in hun element. Als oudste en jongste ballonvaarder van het land doorkruisen ze samen het luchtruim. ‘Ballonvaren is in de eerste plaats genieten. Genieten van het landschap 360 graden om je heen en van de rust. Op zo’n hoogte ben je weg van de aardse drukte en vallen alle zorgen van je af. Je focust op luchtstromingen, op stijgen en dalen. De lucht kan wispelturig zijn. Een goede ballonvaarder moet de situatie goed kunnen inschatten en neemt doordachte, veilige beslissingen. Je moet ook een plantrekker en diplomaat zijn, want waar je landt weet je nooit op voorhand, maar het is bijna altijd op iemands terrein.’

OP STADSGAS

Met zijn 82 jaar is François de oudste aeronaut van het land en zijn 19-jarige kleinzoon David de jongste Belgische ballonpiloot. De terminologie verraadt andere tijden. ‘Mijn vader was militair-aerostier in de ballonvaarteenheid in Zellik’, vertelt François. ‘Daar werden tot het begin van WOII kabelballons ingezet voor waarnemingen van de vijand achter de frontlijn. Door de nieuwe technologieën werd deze eenheid overbodig en begon mijn vader als burger aan ballonvaart. Hij tekende de plannen en met een huishoudelijke naaimachine maakten we onze eigen ballon uit katoenen stof. Die smeerden we in met een mengsel van lijnolie en vernis om de ballon gas-en luchtdicht te maken. In 1946, als jongen van 10 jaar, beleefde ik mijn doopvaart en vanaf dan leerde ik België kennen vanuit de lucht. In 1954 behaalde ik mijn brevet van aeronaut. Zodra ik de kans had, ging ik vliegen.

Toen waren er maar enkele luchtballons in België. Ze waren een kijkstuk op feesten en kermissen en lokten altijd veel volk. In die tijd werden ze nog gevuld met stadsgas. Dat duurde verschillende uren. Voor het vullen van de ballon moesten we wachten tot de huismoeders hun koffie gezet hadden of hun potje gekookt. Onze vaarkansen baseerden we op de berichten voor de duivenliefhebbers. Onze vaart meldden we aan de luchtverkeersleiders van de luchthaven van Melsbroek; de luchthaven van Zaventem bestond nog niet. Dat waren andere tijden, maar al die ervaringen zijn een voeding geweest voor mijn kennis en vaartechniek nu.’

DE WERELD BOVEN IN DE LUCHT

David heeft geen herinneringen aan zijn luchtdoop, zo klein was hij. Net zoals zijn moeder Sandy vaarde hij van kindsbeen af mee in de ballonmand. ‘Meevliegen met opa was een feest. Ik herinner me dat ik nog te klein was om over de mand heen te kijken en dat ik door de instapgaten naar buiten keek. De wereld boven in de lucht fascineerde me. Ook het volgen met oma in de wagen was een avontuur. We moesten op voorhand afspreken waar de landing ongeveer zou plaatsvinden en de ballon vanop de grond nauwlettend in de gaten houden.

De laatste jaren gingen opa en ik altijd samen varen in de Montgolfières van Patrick Libert, die als enige in België gemachtigd is om luchtballons te vervaardigen. Op mijn 16 jaar heb ik besloten om de opleiding ballonpiloot te volgen. Na een theoretisch examen over reglementering, meteorologie, aerostatica en navigatie kreeg ik mijn oefenvergunning en op mijn 17e, na 23 opleidingsuren, behaalde ik mijn vergunning van ballonpiloot. Daarmee was ik de jongste ballonpiloot van België. Ik geniet nu al heel veel van de tochten die we maken in België. In juli vlogen we mee tijdens de grootste ballonmeeting ter wereld in Chambley in Frankrijk. Ik droom ervan om ooit mijn eigen luchtballon te hebben.’ 

Natuurlijk is François apetrots op zijn kleinzoon. ‘Het is fantastisch en uniek om dit samen met je kleinzoon te beleven. We zijn alle twee alert en gedreven. Ikzelf ben meer gespannen, David is rustiger en beheerster. Misschien komt dat door de nieuwe technologieën en betrouwbaardere weersvoorspellingen, ofwel is het gewoon de aard van het beestje.’