01 nov '19

Wandelen in de velden aan de Zenne

901
door Herman Dierickx
In het gebied tussen de Zenne, de Hoogstraat/Zemstseweg, de Brusselsesteenweg en de spoorlijn Mechelen-Dendermonde ligt een groot openruimtegebied dat een verkenning meer dan verdient.

Op deze lap grond van meer dan tweehonderd hectare op de grens van Zemst en Hombeek (Mechelen) vind je rust. Het is een plaats waar je eens stevig kunt uitwaaien. Welkom in Het Schom, want zo is dit gebied gemeenzaam bekend. Je kunt er probleemloos langs alle zijden aan beginnen. Via de Konijnenstraat, het Waterken, Voetweg nr. 96, de Eglegemvijver, het Schom (straatnaam), … het maakt niet uit: een toegang vind je makkelijk. Eens je de eerste stappen naar het binnengebied hebt gezet, opent zich een andere wereld, weg van de drukke nabijgelegen E19 en enkele gewestwegen.

Eb en vloed

De troeven van Het Schom? Een open en onbebouwd landschap, de grote verscheidenheid aan leefgebieden, de combinatie van landbouwpercelen met plukjes bos, bomenrijen, grachten en veldwegen en natuurlijk de Zenne, die hier nog duidelijk onder invloed staat van de zee met een regelmatig getij. Mensen verbazen er zich altijd over dat eb en vloed zo zichtbaar zijn zo ver in het binnenland. De Zenne bevat steeds meer leven. En dat is er aan te zien. Er zitten altijd wel meeuwen, eenden en ganzen hun kost bij elkaar te scharrelen of rustig te dobberen op het water. Wie het geluk heeft een ijsvogel over het water te zien scheren, maakt een bijzonder moment mee en kan er weer even tegen.

Leven op het land

Aan de overkant van de dijk liggen grote lappen open landbouwgebied waar je altijd wel meeuwen, kraaien en andere vogels kunt spotten. Er passeren regelmatig buizerds op doortocht. Je ziet ze van ver komen aanvliegen. Met wat geluk maak je de uitval van een sperwer of havik mee, want die broeden allebei in de buurt. Ook de torenvalk geeft regelmatig thuis en de late wandelaars horen wel eens de kenmerkende roep van een bosuil. Echte akkervogels zitten er uiteraard ook. In de zomer heb je drie soorten kwikstaarten, waarvan er in de winter nog eentje overblijft: de grote gele variant. Je ziet hem dikwijls in de buurt van de Brusselsesteenweg en iets verderop in de buurt van voetweg nr. 96. Met zijn geel-grijze combinatie en zijn op en neer wippend staartje kan je hem moeilijk missen.

Vergezichten

Je zou denken dat er in deze tijd van het jaar niet veel te beleven valt op plantkundig vlak. Niets is minder waar. Door de zachte winters van de voorbije jaren staan er deze maand zelfs nog heel wat planten in bloei. Vogelmuur, madeliefje en paarse dovenetel doen dat al vanouds; nieuwkomers als bezemkruiskruid of asters tonen zich ook nu nog van hun beste kant. Als het vochtig genoeg is, tref je er in de graslanden en onder de bomen heel wat paddenstoelen aan. Meer dan genoeg uitdagingen dus om op ontdekkingstocht te gaan.

Maar misschien geniet je nog het meest van het landschap. Omdat het zo vlak en open is, kan de wind hier zwaar tekeergaan. Gelukkig is er op de meeste plaatsen geen gevaar voor vallende bomen, die vind je veeleer aan de rand van het gebied. De wind is op zijn hevigst aan de plas van Hombeek, een enorme waterplas waar je helemaal rond kunt wandelen. Daar moet je dan weer wel opletten voor vallende takken.

Tijdens deze maand kan je bij goed weer zelfs nog wat libellen spotten, al loopt hun rijk stilaan ten einde. Vanaf mei volgend jaar zijn ze er opnieuw, met voor het hele zomerseizoen samen al snel een paar tientallen soorten. Vanop de Zennedijk heb je in alle richtingen mooie vergezichten over de hele zone. Op een bepaald moment komt de E19 akelig dichtbij, maar verder geeft hij weinig hinder. Vooral bij zuidwestenwind heb je er zo goed als geen last van en dat is de richting van waaruit de wind het meeste waait. In de buurt van Zemst dorp heb je enkele café’s waar je rustig kan nagenieten. En als je nog niet uitgewandeld bent, ligt niet zo veraf het onvolprezen Vrijbroekpark te wachten op ontdekking. Twee mooie gebieden voor de prijs van één, zeg maar.