01 nov '16

Over koetjes en kalfjes

4591
door Patrick Gijssels
Over de heuvel in de Strijd­ landstraat in Brussegem, in een andere wereld, ver van het gewoel, staat in de glooiende groene weide, de comfortkoe met een goed gevoel.

De vierkantshoeve van Jos Van den Houte en Kathleen Laureys is oud, van 1772. Toch is Boer Coene van Ernest Claes ver weg. Met hun tweeën zorgen ze in de Potaerdehoeve voor 130 melkkoeien en 100 stuks jongvee. Ze gebruiken een melkrobot, een mestrobot, hebben principes over comfort voor koeien, humor, vier jonge kinderen en veel enthousiasme. Zijn dit wel boeren? En was het geen dramatische tijd voor melkveehouders?

Jos Van den Houte: ‘Het is waar dat we zelf geen prijs kunnen zetten, we kunnen enkel een prijs nemen. De melkprijs is op dit moment laag. We leveren aan Arla, een Deense zuivelonderneming, een coöperatieve van 13.500 melkveehouders uit verschillende Europese landen. Omdat we deel uitmaken van de coöperatieve hebben we zekerheid. Wat wij produceren, haalt Arla om de twee dagen op. Ze verwerkt de melk aan de Duitse grens tot producten die over gans Europa worden verkocht. Jonge boeren hebben op dit moment zeker reden tot klagen. Wij zijn al een tijd bezig en hebben gelukkig wat reserve opgebouwd.’

'We werken thuis, buiten in het groen. Dat is een geweldig voordeel.'

Wat zijn de belangrijkste momenten van de dag? Kathleen Laureys: ‘Het eerste wat ik doe, is een kus geven aan mijn man (lacht). Dat is om 6.30 uur bij een koffie met een speculaasje. Dat is belangrijk voor mij. Details zijn het leven. Dan geven we eten aan de koeien. Met de voedermengwagen mengen we voornamelijk maïs en gras met soja, bietenpulp of voederbieten en witloofwortels en draaien het uit langs de voedergang.

Nadien controleren  we de dieren, visueel maar ook met een softwareprogramma dat verbonden is met de melkrobot. Een melkkoe moet dagelijks minstens tweemaal gemolken worden. Dat doet de robot. Elke koe heeft de mogelijkheid om zich elke zes uur te laten melken door de robot, gelokt door krachtvoer en omdat de druk in de uier groter wordt. De robot registreert elke koe door een responder die rond haar nek hangt. Een borsteltje reinigt de spenen van de uier. Vervolgens zoekt een laserstraal de positie van de spenen en sluit de melkbekers aan. De melk vloeit ten slotte door een darm naar de koeltank die constant op 3.7 graden staat, klaar om op te halen.’

SYLVIE, KRISTEL, HILDE, SAFIYA

Op het computerscherm zie je dat Sylvie al 11 uur niet meer is gekomen. Redelijk laat, maar nog niet te laat. ‘Ja, ze hebben allemaal een naam: Dominique, Kristel, Hilde, Safiya (lacht). Meisjes die op bezoek komen vinden het super als een koe hun naam draagt. De computer geeft ons ook een signaal als de temperatuur van de koe hoger is dan normaal. We geven uiteraard om hun gezondheid en ook om hun comfort. Ze kunnen zelf kiezen of ze naar de wei gaan of onder het dak staan. Als het te warm is, zetten we de ventilatoren aan. De mestrobot – die wat lijkt op een automatische grasmaaier – zorgt voor een propere vloer en duwt de mest door de roosters van de stal. Er staan ook enkele koeborstels waartegen ze zich kunnen schuren om jeuk weg te krijgen. Vrouwen moet je goed verzorgen, zodat ze zich goed voelen’ (lacht).

BOER MET MISSIE

‘Een koe geeft pas melk als ze zwanger is, dus moeten de koeien kalfjes krijgen. We brengen ze groot en zodra het kalf oud genoeg is, laten we het kunstmatig insemineren. Sommige jonge stieren verkopen we als dekstieren.’

‘Om 8.30 uur breng ik onze vier kinderen naar school. Dan heb je al heel wat gedaan terwijl anderen nog steeds in de file staan. Wij werken steeds buiten, in een groene omgeving en thuis. Dat is een geweldig voordeel. Af en toe ontvangen we groepen. We laten kinderen en volwassenen kennismaken met ons landbouwbedrijf om aan te tonen hoe belangrijk kwaliteitsvol voedsel is. We willen bijdragen tot de persoonlijke vorming van mensen en willen hen de basisprocessen om melk te produceren laten beleven. Het geeft mij veel voldoening om kinderen iets bij te brengen. Als echte boeren en boerinnen kunnen ze hier een leuke, speelse namiddag meemaken. Kalfjes aaien doen ze meestal graag. En zo leren ze wat er allemaal gebeurt voordat de melk op hun tafel komt.’

‘Uiteraard zijn er ook nadelen aan dit beroep. Als we hoge koorts hebben, moeten we er toch uit om 7 uur. Feesten kan, maar uitslapen nooit. We zijn net, voor het eerst in tien jaar, enkele dagen met het gezin op vakantie geweest. Je moet er staan, elke dag. Maar je bent thuis, hé, zonder files. En de kinderen lopen hier rond. Dat is een groot voordeel.’